Intro

Steen markeert de grens van de gemeente Santiago

Steen markeert de grens van de gemeente Santiago

Deze site bevat informatie voor allen die met het idee spelen ‘eens’ vanuit Nederland of Vlaanderen naar Santiago de Compostela te fietsen, alleen of in gezelschap.
Inhoudelijk is deze site grotendeels identiek aan de site http://perfietsnaarsantiago.wordpress.com/, maar de vormgeving is anders. Waar de ene site het model ‘vraag en antwoord’ hanteert, ordent de site die u nu bezoekt de informatie naar onderwerp; elk onderwerp heeft een eigen tabblad. Aan u de keuze welke ordening u het meest toegankelijk vindt. Omdat er zoveel informatie over de fietstocht naar Santiago de Compostela beschikbaar is, kan overvloed schaden. Voor wie genoeg heeft aan minder informatie is de site http://naarsantiagoperfiets.wordpress.com/ wellicht geschikter. Wilt u reageren op een van deze sites, mail me op sanxacobeo@hotmail.nl

Lessines (Belgie), Buen Camino

Basis voor de tekst op deze sites zijn mijn persoonlijke ervaringen, opgedaan in 2008, 2009, 2011 en 2012, aangevuld met de vele publicaties op het internet en reacties van bezoekers van deze site. Van mijn fietstochten in 2008 en 2011 staan op Youtube twee korte (11:34 minuten) video’s. Natuurlijk veel te kort om ‘alles’ te laten zien. Maar ze geven wel een goede eerste indruk van deze fietstochten omdat veel materiaal al fietsend is gemaakt. Klik hier voor de video uit 2008 en hier voor de video uit 2011. De fietstocht naar Santiago de Compostela wordt vaak als een uitzonderlijke prestatie gezien. Fietsers die de eindstreep hebben gehaald (voor veel stuurlui op de wal nog steeds het belangrijkste van de hele tocht) worden uitbundig geprezen en toegejuicht. Prima. Maar laat dit niet verhullen dat íedereen naar Santiago kan fietsen. Een paar uitzonderingen daargelaten. Ervaar ’t zelf!
Degenen die meer willen weten over de geschiedenis van de camino kunnen kijken op deze site of deze pdf downloaden: camino-geschiedenis-en-achtergronden.

Santiago de Compostela actueel

Nieuwe versie pelgrimspaspoort

Om de makers van zogenoemde ‘universele’ pelgrimspassen wind uit de zeilen te nemen en om ook een halt toe te roepen aan knutselaars die met een zelf gemaakt pelgrimspaspoort aan de bedevaart beginnen, heeft het pelgrimsbureau haar regels ter zake het pelgrimspaspoort aangescherpt. Evenals de controle op de naleving ervan.
De belangrijkste regel waar het hier om gaat is dat alleen door het pelgrimsbureau erkende instellingen een geldig pelgrimspaspoort mogen uitgeven. Aan de (nieuwe) lijst met erkende instellingen (mondiale cofradías en asociaciones) wordt al een hele tijd gewerkt; Nederland is nog niet aan de beurt geweest. Maar zeker is dat het Genootschap van Sint Jacob een erkende instelling is.
Omdat ook de regels betreffende het uiterlijk van het pelgrimpaspoort zijn aangepast, voldoet de ‘oude druk’ die het Genootschap uitgeeft niet aan de nieuwe voorschriften. Sinds september 2017 wordt door het Genootschap een nieuwe versie uitgegeven. De oude versie voldoet nog wel mits er een sticker in is geplaatst waardoor de oude versie wordt geupgrade conform de nieuwe regels.
De Notitie Kapittel bevat een (spaanstalige) toelichting op het besluit een nieuwe editie van het pelgrimspaspoort uit te geven. Het Nederlandse Genootschap heeft de nieuwe regelgeving aangegrepen om nog meer veranderingen door te voeren:

  • de afbeelding van Jacobus de Meerdere is naar de voorkant verhuisd.
  • het adres van de Huiskamer van de Lage Landen wordt vermeld.
  • de spelregels betreffende de pas staan afgedrukt.
  • er staat een kaartje in (ipv een schema) van de routes door Spanje.

Credential uitgave 2017Als u geen lid wilt worden van het Genootschap en tóch met een pelgrimspaspoort op zak vanuit huis wilt vertrekken, dan kunt u er een bestellen op de site CaminoComfort. De site wordt gerund door twee dames die zich op de wandelaar naar Santiago richten. Ze claimen dat ze de paspoorten rechtstreeks inkopen bij het pelgrimsbureau in Santiago en dat u zich -dus- geen zorgen hoeft te maken of het wel een geldig pelgrimspaspoort is. Prijs: € 4,50, bestaande uit de maximumprijs van 2 euro, conform de richtlijn van het pelgrimsbureau, plus een opslag voor verzendkosten etc. Voor alle duidelijkheid: deze Spaanstalige paspoorten zien er dus ánders uit dan de paspoorten  van het Nederlandse Genootschap maar ze voldoen (ook) aan de eisen van het pelgrimsbureau in Santiago.

Webcam
Klik hier om via een webcam uw eindbestemming live te zien. In 2015 kwamen hier 3.500 landgenoten aan. Een kleine 600 vertrok vanuit huis, aan onbekend aantal per fiets. De cijfers over 2016 zullen zeer waarschijnlijk hetzelfde beeld tonen.

Aantal pelgrims 2017
Traditioneel is de maand augustus de jaarlijkse topmaand. Het is in deze maand bijna ongezellig druk, vooral tijdens de laatste 100 kilometer. Het maandrecord augustus werd gevestigd in het Heilig Jaar 2010. In dat jaar meldden zich in augustus 61542 pelgrims aan de balie van het pelgrimsbureau. In de jaren daarna werd dit maandrecord niet gebroken; Heilige Jaren zijn altijd topjaren.
In 2016 bedroeg de topdrukte in augustus 53704 pelgrims. Maar in 2017 klom dit getal tot 57679 pelgrims. De evenaring van het 2010-record lijkt niet ver weg. Deze toename in de drukke augustusmaand (7.5%) was een voorbode van het bereiken van de 300.000-grens in 2017.  Het jaarcijfer 2017 kwam uit op 301.036 bij het pelgrimsbureau geregistreerde pelgrims.
Pelgrims die in 2018 de tocht willen ondernemen moeten rekening houden met een verdere stijging van het aantal pelgrims. En vooral de maand augustus mijden.
Overigens, het percentage fietsers daalt nog steeds. Was het enkele jaren geleden zo’n 10%, in 2017 lag het op 7%. Waarschijnlijke oorzaak van én de toename van het aantal pelgrims én de relatieve afname van het aantal fietsers is het toenemende aantal wandelaars dat alleen het laatste deel van de camino loopt. Grofweg de laatste 100 km met als startplaats Sarria. In deze plaats startten in 2016 ruim 67.000 pelgrims, 40% van alle pelgrims die de Camino Francés volgden. Maar ook de all-inclusive reizen die (wereldwijd) worden aangeboden spelen een rol. Zulke reizen bieden de deelnemers her en der een kort wandeling over het pad van de Camino. Met pelgrimeren heeft ’t niet zoveel te maken. Sommige ‘echte’ pelgrims ergeren zich groen en geel.
Een video uit 2016 van Rogier Klappe die de camino fietste staat hier. Het beeld dat hij laat zien klopt exact. Het is een en al genieten, tenzij u enorme pech hebt met ’t weer en/of uw fiets.

Restauratie van de kathedraal
restauratie kathedraal 2017De restauratie van de kathedraal is ook in 2018 nog actueel. Hierboven ziet u een bouwvakker op een hoge steiger bij bet beeld van Jacobus, een foto uit 2017. Dit betekent dat u er rekening mee moet houden dat delen van de kerk niet of moeilijk toegankelijk zijn en dat er her en der steigers staan die de aanblik vertroebelen. Maar het was meer dan hard nodig. De restauratie is ingrijpend en zal nog zeker een paar jaar duren. Het plan is dat de restauratie vóór het eerstkomend heilig jaar (2021) is afgerond.
De werkzaamheden in de kerk hebben ook gevolgen voor de toegankelijkheid van bijzondere plekken ín de kerk, bijvoorbeeld de achterdoorgang van zilveren schrijn van de apostel. Maar laat dit alles geen reden zijn uw tocht uit te stellen tot ná 2021.

Wierookvat

Eén van de spektakels in Santiago is de ceremonie met het gigantische wierookvat in de kathedraal. Jarenlang zwaaide het tenminste één keer per week door de kerk. In de mis op vrijdagavond. Op andere dagen/tijden ook wel, maar alleen als er voor betaald was. De financiering van de ‘voorstelling’ op vrijdagavond was in gevaar maar voor 2017 werd een oplossing gevonden. In 2018 doemt een ander probleem op: het wierookvat moet ‘aan de grond blijven’, omdat steigers in de kerk in de weg staan.  Wanneer en hoe lang dit het geval zal zijn is lastig aan te geven. Houdt er dus rekening mee dat u de ceremonie moet missen.

Huiskamer voor pelgrims
De verhuizing van het pelgrimsbureau, het Centro de Acogida a Peregrinos, naar de rúa das Carretas 33 is inmiddels een jaar achter de rug. In het pelgrimsbureau zitten naast de balie waar u uw compostela kunt verkrijgen ook nog andere diensten. Ook de Huiskamer van de Lage Landen (het Holland House van het Genootschap van Sint Jacob) is er gevestigd. Het heeft een ruimte op de 1e etage van het Pelgrimsbureau. In 2016 bezochten een kleine 1700 pelgrims deze ruimte. Ik verwacht dat u er vanaf mei 2018 weer terecht voor een tas koffie of om er een bakkie te doen.

Pelgrimsbureau google earth

Het pelgrimsbureau ligt wat uit het directe centrum, niet in het mooiste deel van de stad. Het was vroeger een ‘asilo de carretas’, een stalling voor koetsen, die voor 1,5 mio euro is verbouwd. Het straatje ernaar toe (de rúa das Carretas) nodigt niet echt uit voor een wandeling. De ingang van het pelgrimsbureau ligt links om de hoek aan de calle de Domingo García Sabell.
Vanaf het plein vóór de kathedraal (Praza do Obradoiro) is het wat lastig naar het pelgrimsbureau te fietsen. De rúa das Carretas heeft éénrichtingverkeer. Wilt u de verkeersregels respecteren, fiets dan door de rúa de San Francisco en de costa de San Francisco naar de rúa das Carretas op de hoek van de calle de Domingo García Sabell.

nieuw pelgrimsbureau collage

Het pelgrimsbureau, een collage.

De site van het Genootschap
Het Nederlands Genootschap van Sint Jacob heeft een eigen site. Sinds kort is daarop een aparte pagina met downloads te vinden. Deze bestanden zijn voor het overgrote deel tracks van allerlei pelgrimsroutes in Europa, in KML/KMZ of GPX-formaat.
Opmerking: De site die u nu bekijkt bevat ook links naar downloads, maar dat zijn vrijwel altijd pdf-bestanden met tekst- en beeldcontent. Bijvoorbeeld overzichten van albergues of campings waar u kunt overnachten. Deze downloads staan ín de tekst; er is geen aparte downloadpagina.

Andere interessante sites
De site sintchristophorus.nl is een Nederlandstalig platform voor ervaringen, kennis, tips en adviezen voor fietsvakanties.
De site http://www.fietseninspanje.nl/  richt zich op degenen die alle uithoeken van Spanje fietsend willen verkennen. Ook op de site dewijdewereld.net staat interessante informatie voor fietsers. En dan is er uiteraard de site het Genootschap van Sint Jacob. Op deze site staan onder FAQ enkele vragen beantwoord over onderwerpen van belang voor fietsers.

De Spaans- en Engelstalige site www.bicigrino.com heeft zich ontwikkeld tot een zeer informatieve site volledig gericht op fietsers, beter gezegd: mountainbikers. Want de Spaanse fietsers nemen vrijwel allemaal een mountainbike als ze naar Santiago de Compostela fietsen.
Bicigrino is de samentrekking van de woorden ‘bicicleta’ en ‘peregrino’, Spaans voor ‘fiets’ en ‘pelgrim’. U vindt er een veelheid aan informatie over de Camino Francés maar ook over andere camino’s. Dat varieert van overzichten met aanbevolen albergues en hotels tot informatie over het huren van fietsen en gps-tracks. De pdf-gids ‘Camino Francés en bicicleta‘ staat vol relevante informatie. Omdat Spaanse fietsers vooral mountainbikers zijn is de route die bicigrino.com volgt niet de Sweerman-boekje-3 route, maar een route die waar enigszins mogelijk de wandelroute volgt. Voor Nederlandse fietsers met volle bepakking een behoorlijke uitdaging.

Logroño, slaapzaal in albergue

Slaapzaal in albergue

Daarnaast bestaat de actieve site van Ivar Revke: http://www.caminodesantiago.me. Deze site heeft een eigen forum en bevat veel informatie over de Camino Francés. Onder andere een actueel overzicht van een serie ‘favorite albergues’. In een albergue (soms ook refugio genoemd) kunnen pelgrims met een geldig pelgrimspaspoort een slaapplek voor één nacht vinden.
Klik op Albergues Camino Frances – Caminodesantiago.me mrt 2015 voor een vrij actueel overzicht. Op de Spaanstalige site caminodesantiago.consumer staat een (mogelijk wat actueler) overzicht van albergues en bezienswaardigheden.

Ook verderop in deze tekst staan nog enkele links naar pdf-files met albergues langs de Camino Francés.

En dan is er natuurlijk de site van het Nederlands Genootschap van St. Jacob: www.santiago.nl

GenootschapIedereen kan lid worden van dit genootschap. De maandelijkse on-line nieuwsbrief Ultreia (zie bijv. Ultreia 39) is openbaar. Voor leden is er natuurlijk nog veel meer beschikbaar. Zoals: leden krijgen (eenmalig) een pelgrimspaspoort en elk kwartaal verschijnt het tijdschrift ‘De Jacobsstaf. De regionale afdelingen van het genootschap organiseren regelmatig activiteiten. Het lidmaatschap geldt voor één jaar en wordt (behoudens tijdige opzegging) jaarlijks verlengd.

Fietsers worden wat verwaarloosd door het Genootschap

Fietsers lijken wat verwaarloosd door het Genootschap

Naar eigen zeggen –Ultreia 32– wordt het genootschap verweten te weinig aandacht te besteden aan fietsers. Dat verwijt komt niet uit de lucht vallen. Mijn site wil de ruimte invullen die het genootschap op dit punt open laat. Maar ik ben me ervan bewust dat ‘el camino’ primair een wandelevenement is. En veel wandelaars ook een spirituele ervaring biedt. In tegenstelling tot fietsers ondergaan veel wandelaars el camino aanzienlijk intenser. Wat er mede toe leidt dat u onderweg een soort van scheidslijn tussen wandelaars en fietsers kunt ervaren.

Fietsblogs in 2018
In 2018 heb ik geen blogs van fietsende pelgrims kunnen vinden. Gelukkig maakte Jaak Kerckhofs me attent op zijn blog https://www.pindat.com/reisblog/jaak.de.fietser,  En door op Verslag Arie Vreeburg 2018 te klikken kunt u het verslag lezen van de reis die Arie en zijn partner Anja in 2018 maakten. Zijn tekst is eerder een sfeerimpressie dan een dagdagelijks verslag. Mooi om te lezen hoe een pelgrim zijn reis kan beleven.

Fietsblogs in 2017
Hieronder staan links naar blogs van pelgrims die per fiets naar Santiago gaan. Het lijstje zal de komende maanden worden ingevuld.
Theo Damen gaat voor de 2e keer fietsen.
Erik Ruissen vertrekt rond eind mei.
Reine Vandenweghe gaat eind mei de Via de la Plata fietsen.
– Ook Henri neemt deze route, die start in Sevilla.
– En Kim kiest voor een route langs de Portugese kust.

León, de mooiste stad aan de Camino

León, de mooiste stad aan de Camino

Uit deze blogs blijkt dat pelgrims onderling verschillen, maar ook dat voor velen het primaire doel is dagelijks een flink aantal kilometers te fietsen. Waarbij letterlijk en figuurlijk voorbij gegaan wordt aan het vele moois dat onderweg te beleven is. Zo staat ergens in een blog te lezen dat León wordt gemeden omdat het zo’n drukke stad is. Heel bijzonder en erg jammer, want León is de mooiste stad aan de camino. Dat vind ik. Er zijn ook reisverslagen te vinden die zo ongeveer het tegenovergestelde beweren. Het kan inderdaad gebeuren dat een grote stad als León overloopt door de drukte waardoor een verblijf niet zo prettig kan zijn.
De blogger wordt ook regelmatig door zijn volgers aangemoedigd om vooral ‘door te gaan’. “Zettumop”, schreef iemand om een pelgrim -die naar zijn idee niet erg opschoot- aan te moedigen er een tandje bij te zetten. En een ander gaf de aansporing “op naar het einddoel”. Duidelijke voorbeelden van stuurlui aan de wal die geen flauw idee hebben van waar deze fietstocht werkelijk om draait. Het gaat niet om het einddoel en het gaat al helemaal niet om zo snel mogelijk van A naar B te fietsen.
De op één na grootste fout van de pelgrim is teveel bagage meenemen. Maar met stip op 1 staat de fout te gehaast zijn. Uiteraard, indien er beperkingen zijn in tijd en/of budget, dan is gehaast fietsen wellicht onvermijdelijk. Maar als deze bezwaren niet gelden, dan is haast de meest slechte raadgever.

Een blog (2014) in een heel eigen stijl staat op https://katwijkxalo.wordpress.com/. De schrijver heeft weliswaar Santiago niet als eindbestemming, maar volgt wel de westelijke pelgrimsroute door Frankrijk. En ontmoet dus regelmatig fietsers die daar wel naar toe gaan.

Annemarie Verhallen en haar Peter

Col du Somport: Annemarie Verhallen en haar Peter

Ook Annemarie Verhallen heeft een verslag geschreven van haar fietstocht samen met Peter. Op luchtige wijze beschrijft ze wat een pelgrim onderweg meemaakt. Ook geeft ze haar conclusie waarom de fietstocht naar Santiago zo populair is. Ze schrijft dat de hedendaagse mens elke dag tal van beslissingen moet nemen, soms met heel vervelende gevolgen. Ze vervolgt met: “De moderne mens wordt er gestoord van. Nee, dan een pelgrimage. Wekenlang hoef je niets te beslissen van enige consequentie. Het doel is duidelijk en ver weg, zodat je ruim de tijd hebt om tot rust te komen. En ook mooi: iedereen vindt het leuk en knap wat je doet, zowel ter plekke als in Nederland. Al besef je zelf donders goed dat een bedevaart een egoïstische bezigheid is, het stimuleert toch.”
Prachtig verwoord wat de camino fietsen u geeft: ultieme vrijheid, een zee van tijd om van alles te overpeinzen, tot rust komen en genieten van alles om u heen.

Geschiedenis van de Camino
Op Spaans grondgebied kunt u veel historie ontdekken. In de vorm van oude gebouwen, oude wegen en oude kunstschatten. De Camino is nauw verbonden met de herovering van wat nu Spanje heet op de Moren. Deze herovering -reconquista- werd in 722 geïnitieerd door Visigotische christenen in Asturië, overgenomen door de heersers van Castilië (en León), in 1492 afgerond door de Katholieke Koningen en volgens diverse legendes altijd met hulp van Santiago Matamoros. Nu nog steeds de patroonheilige van Spanje. De dorpen en steden langs de Camino zijn (bijna alle) ofwel herbouwd na herovering op de Moren, ofwel gesticht nadat de Moren waren verdreven. Het Spaanse woord voor versterkte nederzetting is ‘burgo’. Burgos was oorspronkelijk zulke nederzetting aan de grens tussen christelijk en islamitisch gebied.
Om het heroverde gebied opnieuw te bevolken (veel Moren die de herovering hadden overleefd waren naar het zuiden vertrokken) werden ambachtslieden, kooplui en monniken aangetrokken, veelal uit het huidige Frankrijk. De aanduiding Francés (in Camino Francés) verwijst hiernaar. Lees meer hierover op het tabblad ‘Achtergronden’ of download camino-geschiedenis-en-achtergronden.

In de verte ligt Castorjeriz

In de verte ligt Castrojeriz

Foto in de header

De foto in de header (en hiernaast) is gemaakt net voordat de fietsroute het dorpje Castrojeriz bereikt. Van rechts komt de wandelroute uit op de asfaltweg. Een illustratie dat de fiets- en wandelroute regelmatig van elkaar afwijken. Recht vooruit is de iglesia de Santa María del Manzano zichtbaar. In katholiek Nederlands: de kerk van Onze Lieve Vrouw van de Appelboom. Links, hoog op de enige heuvel in de verre omtrek ligt strategisch de ruïne van het Castillo de Castrojeriz, restant uit een ver verleden, in 2012/2013 gerestaureerd.  Julius Caesar noemde de nederzetting Castrum Sigerice, maar ’t dorpje bestond al ten tijde van de Kelten.

Ruïnes van San Antón

Ruïnes van San Antón

Het werd verwoest door de Moren (Muselmanes), in 882 heroverd door kapitein Nuño Núñez en opnieuw opgebouwd onder de naam Castrojeriz. In 1131 werd het dorpje door Alfonso VII definitief ingelijfd bij het koninkrijk Castilië. Enkele jaren daarna (1146) stichtte hij het klooster annex ziekenhuis San Antón, een klein stukje vóór Castrojeriz. De restanten van het bouwwerk dat er nu staat dateren uit de 15e eeuw. Nu is het een pelgrimsherberg en een van de markantste gebouwen langs de Camino. Een illustratie van de rijke geschiedenis van de nederzettingen langs de Camino.

Aantekening bij de teksten op de tabbladen
Sites waarnaar wordt verwezen zijn niet altijd Nederlandstalig; de camino is een Spaans erfgoed. Een mooie reden om uzelf wat Spaans te leren (lezen). Altijd handig op ‘el camino’.

Het kan gebeuren dat een link niet werkt; de site is veranderd of bestaat niet meer. Ik tracht dit euvel tot een minimum te beperken.

Voor wie onderstaande tekst teveel van het goede is kan hier korte antwoorden lezen op de tien meest relevante vragen.
Op https://perfietsnaarsantiago.wordpress.com/ staat de integrale informatie in het format ‘vraag en antwoord’. Mogelijk toegankelijker voor wie de ordening naar onderwerp op voorliggende site minder handig vindt.

Tijdens het lezen van de antwoorden kan het lijken alsof ‘fietsen naar Santiago’ een mannending is. Dat is niet zo en dat moet zo ook niet overkomen. De fietstocht is ook voor vrouwen met een goede conditie prima te doen. Alhoewel zeer weinig, er zijn zelfs gezinnen die de tocht maken. Maar dat betreft vrijwel altijd gezinnen met kinderen die al een behoorlijke ervaring hebben met lange afstanden fietsen. Onderstaande tekst besteedt er geen specifieke aandacht aan.

Verantwoording

Bovenstaande tekst is authentiek. Grotendeels gebaseerd op mijn eigen ervaringen. En daarmee dus ook subjectief. Maar uit de verschillende reisverslagen die ik op diverse sites heb gelezen leid ik af dat mijn ervaringen niet uniek zijn. Wel zijn vrijwel alle foto’s/plaatjes uniek. Slechts enkele komen van een andere site. Soms met toestemming, zoals het plaatje met alle bergen op de Camino Francés, dat van een Italiaanse site komt. Slechts een paar foto’s zijn ‘gejat’, bijv. de wielrenner die voor de prestatie gaat. Geen idee wie dat is.

Stef en Henk hebben de Col du Somport bedwongen.

Stef en Henk hebben de Col du Somport bedwongen.

Mochten er auteursrechtelijke problemen zijn, mail me op sanxacobeo@hotmail.nl. Enkele foto’s zijn (soms wat aangepast) overgenomen van blogs die pelgrims bijhouden. Eén van deze blogs wil ik speciaal vermelden: de blog van Henk Noordkamp uit Losser die met zijn compagnon Stef Hollander in 2015 naar Santiago fietste.

Blogs van pelgrims en fietsers naar Santiago gebruik ik ook om mijn teksten te valideren. Kloppen de genoemde kosten van de reis, zijn er nieuwe of mij onbekende bezienswaardigheden, etc. De grafieken heb ik zelf gemaakt op basis van gegevens (die me betrouwbaar leken) die ik op internet vond. De kans dat ikzelf nog eens naar Santiago fiets om het allemaal nog ‘ns van dichtbij mee te maken is vrij gering.

De fietstocht naar Santiago zal iedereen op een eigen wijze ervaren. Uw ervaring zal anders zijn dan de mijne bijvoorbeeld omdat u onderweg ander weer treft. Maar uit reacties op mijn teksten leid ik af dat het ‘overall beeld’ niet zoveel zal verschillen.
Ik heb met tot doel gesteld alle aspecten van de fietstocht naar Santiago neutraal maar vooral compleet te beschrijven. De ambitie compleet te zijn heeft tot gevolg dat er veel informatie op deze site staat. Mogelijk teveel. Maar ik hoop dat het me zal lukken uw interesse vast te houden en dat u veel interessante informatie zult vinden.

Tenslotte meld ik nog dat ikzelf niet al mijn ‘adviezen’ keurig heb opgevolgd. Met als meest risicovolle uitzondering een snelle (top 64 km/uur) en dus gevaarlijke afdaling naar Molinaseca. Maak dus uit wat ik u aanreik uw eigen keuze. U gaat fietsen, niet ik.

Mocht u op deze site advertenties zien, dan is dat het gevolg van het beleid van WordPress. Dit Amerikaanse bedrijf houdt zich het recht voor om op blogs gemaakt met de gratis (en dus uitgeklede) variant van hun tool ‘wordpress’, advertenties te plaatsen. Waarvan akte.

Tien geboden

Houd bij het maken van uw keuzes onderstaande tien geboden in gedachte:
1. Vertrek in goede conditie. Een open deur, maar wel een belangrijke.
2. Let de gehele reis op uw gezondheid. Niet alleen op tijd zonnebrand en uierzalf smeren, maar neem ook geen risico’s in afdalingen. Een valpartij kan het einde van de reis betekenen.
3. Luister naar uw lichaam en forceer niets. Ook voor de hand liggend, maar het ook doen is niet altijd gemakkelijk.
4. Zorg altijd eten en drinken voor het grijpen te hebben. Nog steeds vertrekken er fietsers ’s ochtends op nuchtere maag omdat ze niet voor eten hebben gezorgd. Onverantwoord. Beter oud brood dan geen brood.
5. Eet en drink onderweg regelmatig in kleine hoeveelheden. Klimmen kost veel energie en ook verliest U veel vocht. Dus op tijd aanvullen.
6. Ben kritisch op mee te nemen bagage. Niet alle risico’s willen afdekken. Mocht het kouder zijn dan verwacht; een extra kledingstuk is ‘overal’ te koop. Besef dat fietsen naar Santiago iets anders is de met de caravan naar Frankrijk of Spanje gaan. Kamperen en koken kan ook heel goed zonder grondzeil en windscherm. Eén pannetje met deksel is genoeg. Kies voor compact gereedschap; ijzer is zwaar. En neem geen pakken rijst, boter, suiker en koffie mee.
7. Uw fiets moet in topconditie zijn. Ook dit lijkt triviaal, maar er zijn fietsers die al na 200 km versleten remblokjes hebben. Een fietser schreef: “Tien kilometer voor Bastogne had je een heus fietspad dat me zo het centrum van Bastogne binnen leidde. Mijn remschoentjes waren tot de draad toe versleten en dus zoeken naar een fietsenwinkel. Na veel vragen heb ik het gevonden.”
8. Neem de tijd en geniet vanaf het begin. Voor sommige fietsers lijkt het doel zo snel mogelijk in Santiago aankomen. Laat de weg het doel zijn en stap regelmatig af voor een sightseeing. Besteed ook een of meer hele of halve ‘rustdagen’ aan een verblijf in stadjes en steden waar U doorkomt.
9. Ben goed voorbereid en laat U niet van de wijs brengen. Natuurlijk, alles vastspijkeren is overdreven. Maar onvoorbereid gaan is het andere uiterste. Trek uw eigen plan en ga daar flexibel mee om.
10. Vertrouw altijd op de goede afloop. Er kan zich de situatie voordoen dat u het niet meer ziet zitten. Maar iedere pelgrim kan u vertellen dat het (bijna) altijd toch weer goedkomt. ’t Kan even duren, maar Santiago laat u niet in de steek.

Rest mij u een onvergetelijke reis toe te wensen. ¡Buen Camino!
Indien u een uitgebreid reisverslag wilt lezen, klik hier (de westelijke route) of hier (de oostelijke route). Een fotoverslag van de Camino Francés vindt u hier.
Laatste update van deze site: januari 2017.
Ultreya y suseya.

Metershoge pelgrim op de Alto do San Roque.

Metershoge pelgrim op de Alto de San Roque.

Deze site bestaat sinds 2015. De site  https://pelgrimerenperfiets.wordpress.com/ (waarvan deze site een soort kopie is) bestaat sinds de jaarwisseling 2010/2011. Hieronder (afgerond) de gegevens over het gebruik van deze sites over de afgelopen jaren.

Jaar:                                    Views       Bezoekers
2011/2012                           40.000      13.500
2013                                     46.500      16.000
2014                                     43.500      16.000
2015                                     49.000      19.000
2016                                     42.500      19.000

Reacties kunt u sturen naar: SanXacobeo@hotmail.nl

Buen Camino.

Mat Knaapen.

naar boven

Advertenties

Slapen

Knusse pelgrimsgîte in Charroux

Knusse pelgrimsgîte in Charroux

Er zijn grofweg vier sterk verschillende manieren om te overnachten:
1. slapen in hotels.
2. slapen in een tent op een camping.
3. slapen in pelgrimsalbergues en pelgrimsgîtes.
4. slapen in hostals, pensions of chambre d’hôte.

Hotels zijn ’t duurst; kamperen is ’t goedkoopst. Dat ligt voor de hand. Slapen in pelgrimsalbergues kan alleen in Spanje. In Frankrijk treft u op sommige plaatsen een pelgrimsgîte. Beide onderkomens zijn specifiek voor pelgrims die een pelgrimspas kunnen tonen. U bent (bijna altijd) niet de enige die er overnacht. Reken dus op andere pelgrims die met u in dezelfde ruimte liggen en met wie u keuken, douche en toilet moet delen.
Hostals (eenvoudige hotelletjes) zijn er ’t meest in Spanje. In Frankrijk treft u naar mate u zuidelijker komt in steeds meer dorpen en stadjes chambre d’hôtes. Bed & breakfast op z’n Frans. In sommige grotere steden zijn pensions waar u een nacht terecht kunt. De paar jeugdherbergen waar u onderweg kunt slapen maken het lijstje compleet.
Het komt voor dat een wildvreemde particulier u onderdak verleent in zijn eigen huis of dat u kunt slapen in de gemeentelijke sporthal. Dit gebeurt eigenlijk alleen maar indien u behoorlijk in de problemen zit en u ’t geluk hebt een helpende hand te ontmoeten.

Hotels
De meest luxe variant is overnachten in hotels. De meest zekere indien deze ook nog van te voren zijn geboekt, bijv. via www.booking.com. Maar u levert dan veel avontuur in en het kost u zeker € 50 per hotelkamer, als het niet meer is. Exclusief ontbijt meestal. Kiest u voor een van de vele hostals of pensions dan is de prijs per kamer ongeveer 35 euro. Reserveren kan meestal alleen telefonisch, soms via e-mail als deze hostals of pensions een eigen site hebben.

De belangrijkste keuzes die u moet maken zijn:
1. Wel of niet kamperen.
2. Wel of niet overnachten in een Franse refuge of Spaanse albergue.

Natte tent.

Natte tent.

Kampeerders nemen tent, slaapzak, luchtbed en kookspullen mee. Zij overnachten op een camping. Tenzij het hondenweer is of als er geen camping in de buurt is. Soms slapen ze een albergue om het sfeertje te proeven.
Niet-kampeerders kunnen een paar kilo bagage thuis laten en lopen niet het risico van een ondergelopen tent. Degenen die behalve de camping ook refuges en albergues mijden nemen een B&B, een hostal, een pension of kiezen de luxe van een echt hotel. Maar meestal kiezen de niet-kampeerders voor een mix van B&B’s, albergues en hostals. Op de Camino Francés is het vinden van onderdak meestal geen enkel probleem. Er is veel aanbod en de variëteit is groot. In Frankrijk (met name Noord-Frankrijk) kan het vinden van een hotel wel wat lastig zijn. Soms moet u wat afwijken van de route of kunt u alleen een budget-hotel (bijv. Formule 1) vinden. Inderdaad, u kunt er slapen maar daarmee is alles gezegd.

Een heerlijk desayuno in Belorado

Een heerlijk desayuno in Belorado

Als u in een (luxe) hotel overnacht kan het -om de kosten te drukken- interessant zijn geen gebruik te maken van het ontbijt in het hotel. De kwaliteit en de prijs lopen sterk uiteen. Prijzen variëren tussen vijf en tien euro (soms zelfs meer dan 10 euro) en wat u krijgt varieert van een bak koffie, twee stukken stokbrood met wat cupjes jam tot een ontbijtbuffet, compleet met gebakken bacon en scrambled eggs. Het is in Frankrijk en in Spanje heel gewoon om ’s ochtends een café binnen te stappen en een petit dejeuner (Frankrijk) of desayuno (Spanje) te bestellen. Of simpeler: koffie met twee croissants.

Een klein enkeldaks tentje is wel licht, maar geeft bij regen problemen

Campings
Het andere uiterste is kamperen. Elke dag een camping zoeken, tent opzetten, tent afbreken, bagage in de tent stallen, weer opruimen en dat alles soms in een flinke regenbui. Het kan, maar deze variant is alleen geschikt als u een ruime kampeerervaring hebt, met name op Franse 2-sterren municipals met hurktoiletten. Bovendien: campings zijn veelal niet het hele jaar open. Bepaalde campings zijn zelfs alleen open van half/eind juni tot half/eind september. Kampeerders moeten er in Frankrijk op bedacht zijn dat er grote verschillen zijn tussen campings. Er zijn mooie campings bijv. die in St. Emilion, maar ook natuurcampings met matig sanitair en campings met bijna uitsluitend stacaravans die buiten het seizoen alleen in het weekend bevolkt zijn. Er zijn in zowel Spanje als Frankrijk diverse campingsites. Twee grote campingorganisaties zijn de FFCC (Fédération Française de Camping et de Caravaning) en de FECC (Federación Española de clubes campistas), te bereiken via:
http://camping-ffcc.com/
http://www.guiacampingfecc.com/

Camping in Condé-sur-Vergre

Camping in Condé-sur-Vesgre

Klik op campings aan de Camino voor een pdf-je met campings. Het Duitse lijstje is niet helemaal volledig; zo ontbreken de camping Plaza Berri in St. Jean-Pied-de-Port, de camping As Cancelas in Santiago de Compostela en de kampeermogelijkheid bij de albergue Santiago Apostol in Puente la Reina. Ook in Spanje is de kwaliteit van de campings erg verschillend. Goede campings zijn er onder meer in:
– Navarette
– Nájera
– Burgos
– Mansilla de las Mulas
– Portomarín

Kamperen heeft als bijeffect dat u ’s avonds niet in de nabijgelegen stad ‘op stap’ kunt gaan. Terug fietsen van centrum León of Burgos naar de camping om 23:00 uur is immers niet zo’n goed idee. Nu zijn er pelgrims die dan allang slapen, maar er zijn ook fietsers die een zwoele avond in een Spaanse stad willen meemaken. En geef ze ‘ns ongelijk! Dan kan het verstandig zijn een hostal of pension in het centrum van de stad te zoeken.

In sommige verslagen leest u over ‘wild kamperen’. In Frankrijk is het volgens onze brave ANWB legaal wild te kamperen (19u tot 9u) op één uur wandelafstand van weg. De Fransen noemen een nachtje ergens je tentje opzetten ‘bivakkeren’ (bivouacs) en hanteren soepelere regels. In Spanje zijn de regels voor het wild kamperen per streek verschillend. In alle gevallen is het wenselijk toestemming te hebben van de eigenaar van het perceel. Soms (op het erf van een boer) is het vrij gemakkelijk toestemming te verkrijgen, maar in een bos is de eigenaar van het perceel meestal onbekend. Kortom, wild kamperen is alleen een optie indien er geen enkele andere mogelijkheid is. En met een beetje planning is het ook niet nodig, zeker niet in Spanje. In Spanje kunt u immers uitwijken naar een refugio, in Frankrijk moet u andere slaapplaats zoeken. Zoals een hostal of een jeugdherberg, auberge de jeunesse in het Frans; in het Spaans ‘albergue juvenil’. Dit is een goedkoop alternatief voor kamperen maar er zijn veel minder jeugdherbergen dan campings.

Albergues, hostals en gîtes
Klik op Refugios en hostals aan de Camino Francés voor een pdf die is opgesteld op basis van gegevens van de site spanishsteps.eu. Deze site bestaat helaas niet meer. Maar sinds maart 2014 is een Italiaanse site actief waarop ook downloads van albergues per camino te vinden zijn. Uiteraard zijn alle teksten in het Italiaans… Klik voor een download van deze site op: Albergues Camino Frances – Italiaans.
Ook kunt u gebruik maken van een de vele applicaties (apps) voor iOS en/of Android. Interessante apps zijn:
– Camino Places (iOS, Ivar Revke, 5 euro).
– Camino (iOS, Consumer Eroski/Biko, gratis)

In enkele Franse gemeenten werkt de plaatselijke overheid (gezeteld in la mairie) mee. Men heeft dan speciaal voor pelgrims een gîte (appartementje) beschikbaar.

Nanteuil-en-Vallée, gîte naast Auberge St. Jean

Zo heeft de gemeente Nanteuil-en-Vallée een uitstekend (twee 2-pers. slaapkamers) onderkomen direct naast de auberge St. Jean midden in het alleraardigst plaatsje beschikbaar. Er is echt alles voorhanden. De slager annex groenteboer zit (zat?) een paar deuren verder. U kunt na overlegging van uw credential de sleutel krijgen op het gemeentehuis en u brengt ‘m de volgende dag terug. Geen borg, geen gedoe. Wilt u betalen voor uw overnachting, dan is dat geheel vrijwillig. Ook in Compiègne is een onderkomen gerealiseerd, geopend vanaf 16:30, informeer bij de VVV. Tussen 15 april en 30 september kunt u er terecht met een geldig credential. Er zijn tien bedden beschikbaar. Kosten: 10 euro per persoon. In Lescar (informeer bij de VVV) en Cluis, 2 Rue du Prieuré (informeer bij kruidenier Hamid tegenover de kerk of bel 02 54 31 26 36) zijn ook soortgelijke gîtes. In Cambrai (noord-Frankrijk) staat hotel Au Taximan. Dit supereenvoudig hotelletje staat bekend als pelgrimshotel. Fietsen kunnen binnen gestald worden.

Gîte Arc en Ciel in Labouheyre

Gîte Arc en Ciel in Labouheyre

En verder staat in Labouheyre (Les Landes) aan de rue Grande Lande 290 de herberg ‘Ultreia Arc en Ciel’, te bereiken via telefoon 033630067016. De prijs is 15 euro (prijspeil 2015) en het geld gaat naar een goed doel. Een prima alternatief voor de eenvoudige camping naturelle die maar een paar weken per jaar open is.

Een eindje verderop (net onder Dax) kan gebruik gemaakt worden van een gloednieuwe (2015) pelgrimsgîte in het kleine dorpje St. Pandelon. Vraag ernaar bij het gemeentehuis (la mairie).
Op de site van de Franse Santiagovereniging staat ook een aantal gîtes aan de Vézelayroute. Enkele hiervan (Corbigny, St. Révérien en Bouzais) liggen ook aan de oostelijke fietsroute. Klik hier voor een overzicht.

Gloednieuwe pelgrimsgîte in St. Pandalon

Gloednieuwe pelgrimsgîte in St. Pandalon

Gîtes en andere overnachtings-mogelijkheden op de route Turonensis (de westelijke route door Frankrijk) staan hier. Een andere optie is dat u de ‘guide des haltes de prière – edition 2014’ bestelt. In deze gids staan van alle Franse pelgrimswegen de zogenoemde Haltes of Herbergements Jacquaires. Uiteraard staat alle informatie in het Frans. Mogelijk biedt deze site ook voldoende informatie. De pfd-file Hebergements en Berry geeft een overzicht van slaapplaatsen aan de route Langs Oude Wegen in midden Frankrijk.

Indien u (ook) wilt overnachten op campings, is het verstandig ervoor te zorgen dat u goed slaapt. Gebruik een dubbeldaks lichtgewicht koepeltentje zonder luifel, maar gebruik ook een goed bed. Een dik zichzelf opblazend slaapmatje kan eventueel, maar een luchtbedje is beter. Kiest u voor een luchtbed dan is er weinig keus. De gewone vallen af (te zwaar), de lichtere van Campingaz of Intex zijn binnen de kortste keren kapot. Resteert een licht, maar wel robuust luchtbed. Bijv. een Exped Downmat. Helaas duur (160 euro) maar het slaapt geweldig en isoleert beter dan een slaapmatje. Goed slapen is erg belangrijk onderweg.

Tentje van pelgrim op Franse camping

In Spanje is er eigenlijk maar één voor de hand liggende keuze: de refugio of albergue de peregrinos. Dat is hetzelfde: slaapzalen met stapelbedden en douches. De bedden hebben (meestal) geen dekens of lakens, neem daarom een lichtgewicht slaapzak of lakenzak en een kussensloop mee. Na overlegging van uw credential krijgt u een schone matrasovertrek en that’s it. Vrijwel altijd is er de gelegenheid om gebruik te maken van een keuken(tje). U kunt iets opwarmen, thee zetten etc. maar daar houdt het veelal mee op. De ‘luxere’ (veelal particuliere) albergues hebben vaak een eetzaal (comedor) en soms kunt u er zelfs een avondmaaltijd bestellen.Voor alle duidelijkheid: om gebruik te kunnen maken van de diensten van een albergue moet u (vrijwel altijd) een credential overleggen.

Albergue in Sanguësa. Er kunnen één, hooguit twee fietsen gestald worden

Albergue in Sanguësa. Er kunnen hooguit twee fietsen gestald worden.

Op sommige sites leest u dat uw credential u recht geeft op een verblijf in een albergue. Dat is onjuist. Aan het bezit van een credential kunt u geen rechten ontlenen. In alle gevallen beslist de hospitalero (de herbergier) of u welkom bent of niet.
Redenen om u af te wijzen kunnen zijn:
– de albergue is vol.
– de albergue heeft geen fietsenstalling.
– het toelatingsbeleid: Na 17:00 uur bent u welkom, als er plaats is.
– uw credential is ongeldig.
– u bent met een (grote) groep pelgrims (zie vraag 4).
De hospitalero is niet verplicht u een reden voor afwijzing te geven. Gewoon de melding ‘er is voor u geen plaats’ volstaat. U kunt uiteraard in discussie gaan met de hospitalero, maar beter is u deze moeite te besparen en een andere albergue of een ander onderkomen te zoeken. Er zijn (meestal) voldoende hostals, pensions, gewone hotels en er zijn ook campings aan of vlakbij de route.

Voor de fietser die alleen of in klein gezelschap (hier voor een overzicht) de voorkeur, tenzij u er niet van houdt met wildvreemden, mannen en vrouwen door elkaar, op een (grote) slaapzaal met enkel stapelbedden te liggen. Of indien u geen risico wilt lopen op een doorwaakte nacht omdat een pelgrim die in de buurt ligt een enorme snurker is; dus oordopjes/watten meenemen! De charme van de refugio is de saamhorigheid. Er slapen enkel degenen die ook op weg zijn naar Santiago. Medepelgrims kunt u ze noemen. De saamhorigheid heeft wel zijn grenzen. Zo loopt er een onzichtbare grens tussen de lopers en de fietsers. De lopers, veruit in de meerderheid in Spanje, hebben andere gespreksstof dan de fietsers. De routes verschillen; wandelaars lopen veelal over soms smalle zandpaden terwijl de fietsers meestal over asfalt rijden.

Refugio in het Monasterio van Samos. Heel veel stapelbedden

En verder verschilt het nogal of u te voet gaat en dus problemen hebt met voeten en schoenen, of met uw zitvlak en uw fiets. Fietsers praten over kapotte banden, geknakte spaken, slag in het wiel, afgelopen kettingen en valpartijen. Wandelaars prikken blaren, zijn in de weer met jodium, wikkelen verband om hun zere voeten en stralen uit dat zij de echte pelgrims zijn. Maar desondanks, het is in albergues goed overnachten tegen een lage prijs: maximaal € 12, maar meestal een paar euro minder of ‘donativo’. Deze aanduiding betekent dat u zelf bepaalt hoeveel u betaalt voor de diensten van de refugio; geef (tenminste) vijf euro. Er zijn Nederlandse sites die ‘donativo’ vertalen in ‘gratis’. Het moge duidelijk zijn dat deze vertaling typisch Hollands is en dat het in feite -en terecht- niet de bedoeling is gratis te overnachten.

Bedwants

Bedwants

Sommige pelgrims vertellen dat er ook slechte refugio’s zijn, waarbij vooral geduid wordt op ondermaatse hygiënische omstandigheden. Vooral bedwantsen worden genoemd. Dergelijke ervaringen zijn niet uit te sluiten, maar de kans erop lijkt niet zo groot, behalve in het hoogseizoen: augustus. En dan vooral in de grote refugio’s, met tientallen zo niet meer dan 100 bedden. Dus, voor wie niet wil kamperen is het concept grofweg: In Frankrijk een chambre d’hôte (bed & breakfast) of gîte en in Spanje een refugio/albergue.
De Spaanse overkoepelende federatie van caminogenootschappen heeft op dit gebied -vermoed ik- de beste site: www.caminosantiago.org. Op deze site staat ook een actuele link naar albergues aan de Camino Francés. Er zit hier en daar zelfs een door Nederlanders gerunde albergue tussen, bijv. in las Herrerias de Valcarle. En natuurlijk de albergue in Roncesvalles met vrijwilligers van het Genootschap van Sint Jacob.

Hostel in Triacastela

Er zijn drie soorten refugio’s: de private, de gemeentelijke en de katholieke. In de katholieke refugio’s, bijv. in een oud monasterio, kan het zijn dat er aandacht is voor de religie. Er is dan bijvoorbeeld een mis om 7 uur ’s avonds. De private zijn meestal duurder (acht tot twaalf euro) dan de gemeentelijke of de katholieke (vier tot acht euro). In alle refugio’s zijn soortgelijke huisregels.

Fietsers zijn soms pas na 5 uur welkom

Huisregels in albergues
Geen herrie maken, niet luidruchtig praten en om 22:00 uur (soms iets later) gaat de poort dicht, de deur op slot en het licht uit. ’s Ochtends is het om zes uur dag. Met name de wandelaars staan dan op; een enkeling al om 5 uur. Om acht uur is iedereen weg (is de bedoeling). Soms regelt de hospitalero (de ‘manager’ ) een ontbijt. Er zijn dan wat stukken stokbrood en pelgrims kunnen thee of koffie zetten. Ga er (desondanks) vanuit dat u zelf voor uw ontbijt moet zorgen.

Het spreekt voor zich dat iedereen zijn eigen rommel opruimt. Reken er op dat in sommige refugio’s de fietsers (bicigrinos) pas na vijf of zes uur ’s middags worden toegelaten. Tenminste, als er dan nog plaats is. Wilt u er het fijne van weten, klik hier voor het reglement van de refugio in San Juan de Ortega, dat model kan staan voor veel Spaanse refugio’s. De sterk ingekorte vertaling van de negen bepalingen is als volgt:

1. Reglement betreft het Monasterio San Juan de Ortega.
2. Alleen pelgrims te voet of per fiets in het bezit van een pelgrimspaspoort en een geldig legitimatiebewijs worden toegelaten. Hun gegevens worden geregisteerd.
3. Plaatsen worden toegewezen op volgorde van binnenkomst. Men kan –behoudens uitzonderingen- slechts 1 nacht verblijven.
4. Seizoen: 1 maart – 31 oktober. Openstelling: tussen 13:00 en 22:00. Het licht gaat uit om 22:00. Om 08:00 moet u weg zijn.
5. Het is verboden te roken, buiten de daartoe bestemde plek te eten, lawaai te maken, luid te spreken, hoorbaar muziek te luisteren en op de muren te slaan.
6. Iemand die zich vervelend gedraagt wordt buiten gezet.
7. Donatie van (tenminste) 5 euro wordt op prijs gesteld. Alle ongerechtigheden moeten gemeld worden.
8. Er is een gastenboek en u kunt (onder vermelding van een naam) suggesties ter verbetering opschrijven.
9. In alle niet genoemde gevallen beslist de gastheer (hospitalero). Dit reglement wordt goed zichtbaar opgehangen.

De grootste kans op volle refugio’s hebt u in het hoogseizoen, met name in augustus. Overweegt u de Ruta de Norte te volgen, plan dan uw overnachtingsadressen. Op deze route zijn er te weinig adressen om op de bonnefooi te reizen. Op de site bicigrino.com en ook hier vindt u een overzicht van de albergues op de Ruta del Norte.

Welkomsbord van Thérèze in Miradoux

Bijzondere albergues
Er zijn ook ‘bijzondere’ albergues/refuges. Zoals de refuge van Thérèze in Miradoux, de oosterse refuge in Espalais, de de refugio in de Jésus y Maria-kerk in Pamplona, de ‘Engelse’ refugio Gaucelmo in Rabanal del Camino, bij ‘de nonnen’ (las hermanas Agustinas in de albergue de Peregrinos Parroquia de Santa María) in Carrión de los Condes. In het Franse Cadillac zijn twee slaapplaatsen in het ‘hôpital psychiatrique’. Het zijn nog originele slaapplaatsen voor pelgrims in lang vervlogen tijden. Mogelijk doet het wat spartaans aan. De route ‘Langs oude wegen’ loopt vrij dicht langs Auberge Nos Repos een ‘Nederlands’ pelgrimsonderkomen in Augy sur Aubois, één kilometer links van de weg St. Amand-Montrond naar Sancoins, ter hoogte van Jouy. In het Spaanse monasterio in San Juan de Ortega kunnen liefhebbers genieten van de knoflooksoep die daar elke dag geserveerd wordt. Als herinnering aan hospitalero Don José María Alonso die deze soep jarenlang elke dag maakte. Ook is er een religieuze dienst om 18:00 uur. In Los Arcos staat de albergue Isaac Santiago met Belgische hospitaleros. In Sarria ligt aan de rúa San Lázaro 7 de herberg San Lázaro, van vele zo niet alle gemakken voorzien.

Wat typeert de albergue?
Wat albergues en pelgrimsgîtes bijzonder maakt is verschillend: de sfeer, de gebruiken, het gebouw, de manier waarop pelgrims worden ontvangen, samen zingen en praten, de uitstekende voorzieningen, etc. Indien u deze albergues niet wilt missen dan is het wel even zoeken op internet in reisverslagen van pelgrims. Er is geen limitatieve lijst. Mogelijk dat het Genootschap van St. Jacob meer informatie heeft.

De Engelse herberg Gaucelmo in Rabanal del Camino.

U moet wel gevoelig zijn voor spiritualiteit en open staan voor bijzondere ontmoetingen. Bent u een nuchtere Hollander die alleen fietst voor cultuur en ontspanning, vermijd dan dit soort albergues. U zou er de kriebels van kunnen krijgen. Realiseert u zich ook dat u als fietser een ander type pelgrim bent vergeleken met de wandelaar.

Wandelschoenen staan te luchten....

Wandelschoenen staan te luchten….

Zoals eerder gezegd, de echte pelgrim loopt. En als u zich ook nog als wielrenner gekleed hebt (met reclame op het fietsshirt, strakke fietsbroek, fietsschoenen met clipplaatjes onder de zool etc. Ja hoor, ze zijn er) dan vloekt dat enigszins met de devote, wandelende pelgrim die de spiritualiteit zoekt.

Hieronder de voor- en nadelen van een refugio op een rij.

Voordelen:
1. Zeer goedkoop, maximaal 12 euro maar meestal minder.
2. U ontmoet pelgrims uit letterlijk de hele wereld.
3. U bent onderdak. Een tentje kan bezwijken onder een regenbui.
4. U kunt er eten; zo niet dan weet de hospitalero een goed adres.
5. Uw fiets staat veilig gestald.

Nadelen:
1. Uw privacy is beperkt tot douche en toilet.
2. Om tien uur sluit de poort; om acht uur moet u weg zijn.
3. Gesnurk en geloop tijdens de nacht.
4. Soms niet erg hygiënisch.
5. U slaapt in een stapelbed.

Espalais. Een bijzondere refuge.

Espalais. Een bijzondere albergue.

En pelgrims met een gevoelige neus kunnen zich storen aan de specifieke geur in albergues. Veroorzaakt door bezwete pelgrims, dicht op elkaar, hun bagage met gebruikte kleding en hun wandelschoenen die staan te luchten. Maar laat dit alles geen reden zijn om refugio’s te ontwijken. De sfeer is er meestal opperbest.

Een overzicht van albergues op de Camino Francés vindt u hier. Veel albergues zijn in de winter gesloten; het pelgrimsseizoen loopt van april tot en met oktober.

Overnachten in Santiago

kleinseminarie

Seminario Menor = Klein Seminarie

Een goede overnachtingsplek is het oude Seminario Menor in de buurt van de rúa das Trompas en de rúa de Belvis. De slaapzalen in dit grote gebouw, vroeger gebruikt door de leerlingen, zijn nu in gebruik voor de pelgrims. U kunt uit twee opties kiezen. Het bekende albergueconcept, met zes of meer personen op een slaapzaal (men heeft ‘gewone’ bedden; geen stapelbedden, 12 euro per nacht) of een eigen eenpersoons kamer à 15 euro per nacht, prijspeil 2015. Te reserveren via o.a. Booking.com. De vroegere limiet aan het aantal verblijfsdagen (3) is losgelaten. Eind 2015 hebt overal in het gebouw internettoegang. De regels die voor elke Spaanse pelgrimsalbergue gelden (bezit pelgrimspaspoort, sluitingstijd, etc.) zijn ook hier van toepassing. Kortom, een prima locatie op (een kleine) 15 minuten lopen van de kathedraal. Er is geen beveiligde fietsenstalling maar het terrein is ’s nachts wel afgesloten.

Slaapzaal Seminario Menor

Verder zijn er tal van pensions in de oude stad, bijv. in de rúa do Vilar die kamers verhuren voor € 40 per nacht. En voor kampeerders is er natuurlijk de camping Monte do Gozo even buiten de stad, richting vliegveld, handig voor als u op de terugreis Uw fiets wilt meenemen in het vliegtuig. Het summum van overnachtingsplekken is het Hostal dos Reis Católicos. (in het Spaans: Hostal de los Reyes Católicos) aan het Praza do Obradoiro. Dit gebouw was in de Middeleeuwen een ziekenhuis voor pelgrims en is nu een van de meest beroemde Paradores van Spanje. U slaapt in een museum. De prijs is er naar: € 180 per kamer per nacht (geboekt via http://www.booking.com). Als u een goedkoper parador wilt proeven: in León staat het Hostal San Marcos waar de prijs per kamer een stuk lager ligt, zo’n € 100, exclusief ontbijt en geboekt via booking.com.

De echte kampeerder zal uiteraard kiezen voor een camping, bijv. As Cancelas, dicht bij het centrum. Deze camping ligt op een heuvel aan de rand van de stad. Met de fiets rijdt u in maximaal tien minuten naar het praza do Obradoiro.

naar boven

Motief

Velen spelen met het idee naar Santiago de Compostela te fietsen, spontaan of aangestoken door een verhaal van deze of gene vage kennis die ‘het ook gedaan heeft’. Het is dan ook een bijzondere bestemming. Jaarlijks melden zich meer dan 200.000 wandelaars en fietsers bij het Pelgrimsbureau voor een getuigschrift: de Compostela of het Certificado de Distancia.
Zij hebben uiteenlopende motieven om naar Santiago de Compostela te lopen of te fietsen. Bij (Nederlandse/Vlaamse) fietsers zijn grofweg navolgende motieven te onderscheiden:

  1. Pelgrimeren. Het met minimale middelen op reis gaan naar een bedevaartsoord.
  2. Op fietsvakantie gaan. Genieten van natuur, cultuur, lekker eten/drinken en ontmoetingen met mensen. Maar vooral: intens genieten van een enorme vrijheid.
  3. Presteren. Kilometers vreten, hoogtemeters overwinnen en snelheid maken om zo snel mogelijk de meet te bereiken.

De echte pelgrim loopt….

Uiteraard zijn deze grenzen niet scherp te trekken. Ook de vakantiefietser wil onderweg ook wel ‘ns presteren door als eerste een colletje te bereiken. En bij pelgrims kan het vakantiegevoel postvatten. Het omgekeerde gebeurt ook: als vakantieganger gaan en terugkomen als pelgrim. Het gaat me hier om een grove indeling die ik gebruik om mijn primaire doelgroep een etiket te geven: de fietsende pelgrim.
Maar het moet gezegd: de echte pelgrim loopt. Pas dan ervaart u de eindeloosheid van de tocht en ondergaat u de ontberingen die eraan gekoppeld zijn. Een interessante tekst over de verschillen tussen lopen en fietsen én tussen wandelaars en fietsers op de Camino staat in De Jacobsstaf nr. 97, op pagina 40. Harry de Bot beschrijft in ‘De vrijheid van de fietser’ precies zoals ik ’t ook heb ervaren.
Tips over (langeafstand) fietsen in het algemeen en over klimmen en dalen in het bijzonder vindt u op deze site en ook hier.

Fietsen is een aantrekkelijke optie omdat het sneller gaat dan lopen en omdat u tóch nog heel veel kunt zien. Het eerste is van belang als u geen drie maanden de tijd hebt, of u uw partner niet zo lang alleen wilt laten.

Lopend naar Santiago is ver en slopend.

Lopen naar Santiago is ver, heet en stoffig met (soms) weinig schaduw.

Als u vanuit Nederland loopt bent u ruim 100 dagen onderweg, de fietser meestal 30 à 35 dagen. De fietser kan wat minder kritisch zijn op het mee te nemen gewicht. De lopende pelgrim moet op elke gram letten. Tien kilo kan, maar acht kilo is beter. Voor de fietser zijn deze cijfers resp. 23 kg en 18 kg. En tenslotte, de wandelaar heeft een behoorlijke kans op lichamelijke ongemakken: pijn in de rug en/of blaren op de voeten. De goed voorbereide fietser kan de tocht maken zonder enig lichamelijk ongemak.
Daar tegenover staat dat de lopende pelgrim de tocht aanzienlijk intenser ervaart dan de fietser. Voor de fietser kan het vakantiegevoel wel ‘ns boven komen drijven, voor de loper is de tocht bepaald geen vakantie. Santiago is voor de loper (vanuit Nederland) ver, slopend en soms afzien. Maar de beloning voor de lopende pelgrim is groter: meer gezien, meer beleefd, meer ervaren, intenser geleefd.

Pelgrimeren.

Veel pelgrims ervaren het Caminogevoel op deze plek.

Veel pelgrims ervaren het Caminogevoel (ook) bij het Cruz de Ferro.

U hoort of leest over het bijzondere Caminogevoel dat bij pelgrims opkomt en u wilt dat gevoel zelf ervaren.
Wat is dat gevoel? Wat doet de Camino met u? Dat verschilt. Lopende pelgrims ervaren de Camino intenser dan fietsers. Voor pelgrims die alleen gaan is het Caminogevoel intenser dan voor hen die in (een groter) gezelschap gaan. En laat duidelijk zijn: pelgrimeren is niet alleen weggelegd voor praktiserende Rooms-Katholieken. Iedereen kan een pelgrim zijn.
De achterliggende reden om te willen pelgrimeren kan verschillend zijn.

Er zijn pelgrims in soorten en maten.

Er zijn pelgrims in soorten en maten.

Er zijn overtuigd religieuze pelgrims en er zijn pelgrims die de tocht maken om een periode in hun leven af te sluiten en een nieuwe start willen maken. En daar in alle rust over willen nadenken. Want de tocht naar Santiago biedt u álle tijd om na te denken. Zeker als u alleen gaat. En zo zijn er nog veel andere redenen om op pelgrimstocht te gaan. Maar wat veel pelgrims gemeenschappelijk hebben is het willen beleven van de Camino. Ze willen het Caminogevoel zélf ervaren. Hieronder een citaat uit een reisverslag dat een zeer treffende beschrijving van het Caminogevoel geeft, van toepassing op de fietsende pelgrim die alleen gaat:

“De camino is gaan, verder gaan, mensen ontmoeten, zich hechten aan sommigen en ze weer los laten, hen soms terug ontmoeten, veel alleen zijn, soms te veel, genieten van de stilte, de landschappen, de geschiedenis achter de kloosters en kerken, denken aan de pelgrims van eeuwen en eeuwen, hopen dat je fiets je niet in de steek laat, denken en nog eens denken, maar je tijd daarvoor nemen, niets ‘moet’, alles mag, je kiest zelf maar, mensen missen, blij zijn dat je je fototoestel toch niet verloren bent na tien minuten zoeken, dingen verliezen, overleven, soms ‘struggle for life’ maar dat wist je op voorhand …”
Bron: http://frankfietstnaarsantiagodecompostela.skynetblogs.be.

Pelgrims ontmoeten elkaar in Hontanas.

Pelgrims ontmoeten elkaar in Hontanas.

Vrijwel elk woord in de tekst van Frank beschrijft zoals ook ik de Camino ervaren heb. Laat ik het erop houden dat naar Santiago fietsen op z’n minst een zeer bijzondere ervaring is. Een ervaring om heel lang van na te genieten.
Uit het citaat hierboven blijkt ook dat het beleven van de weg ernaar toe belangrijker is dan het bereiken van de eindbestemming. Handel naar dit principe, neem de tijd en geniet onderweg!

De tocht kan ook een bezinning zijn. Een bezinning op uw carrière, uw relatie, het geloof, het leven als geheel. Dit komt nog het meest bij de pelgrims die in de Middeleeuwen de tocht lopend volbrachten.

De pelgrimstocht naar Santiago is (voor de gemiddelde Nederlander) avontuurlijk. Niemand kan vooraf uittekenen hoe alles zal verlopen gedurende de 4 à 5 weken die de tocht zal duren. Laat u niet haasten en neem de tijd om rond te kijken. Ondanks het feit dat sommige reisverslagen anders doen vermoeden, zijn de indrukken die u opdoet en de contacten met anderen het belangrijkst. Niet de afgelegde kilometers, de overbrugde hoogtemeters of de gemiddelde snelheid. Heeft U de tocht voltooid dan kunt u dat met trots aan iedereen die het horen wil vertellen.
Indien uw indruk is dat de Camino overwegend een mannenaangelegenheid is, dan is die bij deze rechtgezet: 45% van allen die in Santiago aankomen is vrouw. Hoeveel % van de fietsers uit de Lage Landen vrouw is, weet ik niet. Zeker is wel dat ook veel vrouwen de tocht prima aankunnen.

U kunt ook op deze manier pelgrimeren.

Uit bovenstaande blijkt dat ik een ruime definitie van het begrip ‘pelgrim’ hanteer. Dat deed het Pelgrimsbureau in Santiago vroeger ook. Op het aanvraagformulier voor een getuigschrift kon (bij de vraag naar het motief van de reis) ingevuld worden ‘religieus’ en/of  ‘spiritueel’, naast enkele andere motieven. En waarschijnlijk kruisten velen alleen ‘spiritueel’ aan om een echt compostela te krijgen. En niet het certificado alternativo. Maar dat is veranderd: alleen degenen die het motief ‘religiso’ aankruisen krijgen een compostolaat. Alle anderen kunnen voor drie euro een mooi vormgegeven certificado de distancia kopen. Dat sluit beter aan bij de werkelijke motieven van velen die zich aan de balie van het Pelgrimsbureau melden. Maar uiteraard kunt u alleen zelf bepalen wat Uw werkelijke motieven zijn.

Bernadette, opgebaard in Nevers

Bernadette, opgebaard in Nevers

Mogelijk dat de begrippen ‘pelgrimeren’ en ‘bedevaartsoord’ associaties oproepen met de pelgrimage naar het bedevaartsoord Lourdes. Maar Santiago de Compostela is in geen enkel opzicht vergelijkbaar met Lourdes. Waar ’t bij Lourdes draait om de bestemming en de rituelen die zich daar afspelen, gaat ’t bij Santiago de Compostela om het beleven van de tocht ernaar toe. In de stad zelf zijn nauwelijks rituelen, met uitzondering van de dagelijkse pelgrimsmis om 12:00 uur in de kathedraal, vooral als het wierookvat door de kerk zwaait. En de viering van de naamdag van de Apostel op 25 juli. Daarom is de aankomst in Santiago de Compostela voor sommige pelgrims een teleurstelling; men voelt nauwelijks emotie als het plein voor de kathedraal wordt bereikt. Het blijft bij het gevoel ‘Oké, ik ben er. En wat jammer dat de tocht is afgelopen’. Maar laat dit geen reden zijn om niet te gaan, de meeste emotie ervaart u onderweg! Jazeker, er zijn fietsers die bij aankomst op het plein in tranen uitbarsten van geluk, maar dat is een kleine minderheid.
Mocht u beide bedevaarten willen combineren, dat kan prima. De Sweermanroute kent een variant via Lourdes. Als u de oostelijke fietsroute door Frankrijk neemt komt u door Nevers. In het Sint Gildardklooster in Nevers is de ‘Espace Bernadette Soubirous’. Daar kunt u het opgebaarde lichaam van Bernadette zien. Het klooster ligt een paar straten ten noorden van het stadscentrum, rue St. Gildard nr 34.
Sommige fietsers willen per se geen pelgrim zijn. Ze kopen geen pelgrimspaspoort, overnachten (dus) niet in albergues, deponeren geen steen bij het Cruz de Ferro en zonderen zich af van allen die ze onderweg ontmoeten. Ieder zijn eigen keuze, maar door je als eenling op te stellen en alles te mijden wat de Camino zo bijzonder maakt, mis je veel en doe je jezelf tekort. Weer anderen klagen in hun blog over wat ze onderweg ‘moeten’ meemaken. Over de eentonige kilometers en het karige pelgrimsmenu, over onhygiënische albergues met snurkende gasten, over de hitte en de vele klimmetjes, over Spanjaarden en Fransen die geen Engels verstaan en over lopende pelgrims die de weg (over)bevolken. Vanuit een negatieve mindset gezien klopt ’t allemaal en kun je maar beter thuis blijven.

Fietsvakantie.

Pelgrims of langeafstand fietsers?

De populariteit van fietsvakanties neemt toe. Korte vakantie dichtbij huis maar ook fietsvakanties naar verre bestemmingen. Met ondersteuning van de EU wordt al jaren gewerkt aan de ontwikkeling van fietsvakantieroutes door heel Europa: het project Eurovélo. Voor langeafstandfietsers die in Europa op fietsvakantie gaan is de reis naar Santiago vergelijkbaar met andere Europese bestemmingen: Rome, Praag, Berlijn, Barcelona. De fietsboekjes waarin Clemens Sweerman de route naar Santiago beschrijft zien er precies zo uit als de fietsboekjes die fietsroutes langs bijv. de Loire beschrijven. De fietstocht naar Santiago zal voor langeafstandsfietsers veel gelijkenis vertonen met andere langeafstandsroutes. Behalve op één punt: de populariteit van de route. Die is aanzienlijk groter. Zowel onder fietsers maar zeker onder wandelaars. Geen enkele fietsvakantiebestemming trekt zoveel reizigers (fietsers en wandelaars) als Santiago de Compostela. En drukte die dat tot gevolg heeft, heeft voor- en nadelen. Als u zich dat realiseert kan Santiago de Compostela ook een prima fietsvakantiebestemming zijn.

De Camino wordt (helaas?) commerciëler

De Camino wordt (helaas?) commerciëler

Door de sterk toegenomen belangstelling wordt de Camino commerciëler en efficiënter. Zo moet tegenwoordig betaald worden voor een bezoek aan de kerk met de kip en de haan in Santo Domingo de la Calzada, worden in het pelgrimsbureau geen compostela’s meer in prachtig handschrift uitgeschreven, kun je het beeld van Santiago achter in de kathedraal niet meer aanraken, wordt Foncebadón weer bewoond en neemt het aantal reclameborden langs de route snel toe. En de massa pelgrims trekt ook personen aan met wat minder vrome bedoelingen.

Caminotoeristen nabij Ligonde

Caminotoeristen nabij Ligonde

Ook steeds meer reisorganisaties bieden comfortabele Santiagoreizen aan met een klein vleugje Camino, door een of meer korte wandel- of fietsetappes in de reis op te nemen. Caminotoeristen met witte benen en kleine rugzakjes mengen zich tussen de ‘echte’ pelgrims die vele honderden kilometers hebben gelopen of gefietst. Hoe dichter u bij Santiago komt, hoe meer caminotoeristen u ziet. Als u voor de eerste keer gaat dan valt dat niet zo op. Maar voor degenen die al een keer (of meerdere) zijn geweest, zijn de veranderingen goed merkbaar. Deze ontwikkeling zal zich alleen maar voortzetten en geven voeding aan het idee dat de Camino aan zijn eigen succes ten onder zal gaan.

Lopende pelgrims kunnen het de fietser lastig maken.

Drukte op de Camino.

De toenemende drukte merkt u pas echt op het laatste deel van de Camino. Ruim veertig procent van de pelgrims vertrekt in of ná León. Vanaf Sarria kan de drukte enorm zijn omdat starten in deze plaats, 114 km van Santiago, voor wandelaars nog net recht geeft op een Compostola. In statistieken wordt gemeld dat meer dan 20% van de pelgrims in Sarria begint. Na Sarria is het druk op de Camino, althans op het gedeelte waar wandel- en fietsroute gelijk zijn. Op stukken waar de fietsroute afwijkt van de wandelroute is het rustig.

Overigens is niet iedereen het er mee eens dat het fantastisch is de Camino te lopen (of te fietsen). Er zijn argumenten bedacht waarom je deze route juist niet zou moeten nemen, althans niet te voet. Uiteraard zijn de argumenten overdreven en soms wat gezocht, maar er zit vaak ook wat in. Zeker in augustus is vooral het laatste deel van de Camino erg druk. Ik heb Nederlandse pensionado’s gesproken. Ze hadden de laatste 100 km van de Camino gelopen, want dan krijg je al een Compostola; het criterium voor fietsers is: de laatste 200 km fietsen.
Als deze categorie pelgrims de overhand gaat krijgen dan wordt het snel minder leuk. Dus degenen die op zoek zijn naar een echt outdoor fietsavontuur kunnen beter de mountainbike nemen en de Camino del Norte rijden. Of door bijv. Mongolië gaan fietsen.

Presteren.

De wielrenner gaat voor de prestatie.

Er zijn ook fietsers die voor de prestatie gaan. Om geld in te zamelen voor een goed doel, om zichzelf te bewijzen of gewoon voor de kick. Vooral in Spanje zult u veel Spaanse mountainbikers treffen die de tocht zien als een mooie uitdaging met uitstekende faciliteiten. Er zijn ook Nederlandse mountainbikers die zich laten vergezellen door een camper met hun bagage, reserveonderdelen, eten en drinken, etc. En er zijn fietsers van het type ‘wielrenner’. Leden van een wielerclub die de tocht met enkele personen of soms als grote groep op hun racefiets ondernemen. De teksten op deze site zijn voor deze doelgroep minder interessant.

naar boven

Wanneer ?

18 mei 2013, het is zeer koud op weg naar O`Cebreiro.

18 mei 2013, het is zeer koud op weg naar O`Cebreiro.

Indien u de vrije keuze heeft is fietsen in juni en de eerste helft van juli om onderstaande redenen het meest aantrekkelijk:

  1. de kans op ‘goed fietsweer’ is het grootst.
  2. het is nog niet (te) druk.
  3. de dagen zijn lang.
  4. de natuur is mooi.

Daarom: plan uw vertrek, indien mogelijk, in de periode 25 mei – 15 juni.

Goed fietsweer
Onder ‘goed fietsweer’ versta ik: gematigde temperaturen maar ook weer niet te koud. Overdag 20 à 25 graden en ’s nachts tussen de 10 en de 15 graden. Plus een zwakke wind uit de juiste richting en weinig regen. De kans op zulk weer is in juni het grootst. Maar uiteraard is de kans dat het vijf weken zal aanhouden klein. U moet daarom voorbereid zijn op regen, wind tegen, mist en minder aangename temperaturen. Voor verdere informatie over ‘het weer’ verwijs ik u naar het betreffende tabblad.

Drukte

Aantal pelgrims in 2013

Aantal pelgrims in 2013; In andere jaren is het beeld hetzelfde

De grootste drukte is in augustus. Twintig procent arriveert in deze maand, d.w.z. 55.000 (!) in 2016. In juni is het nog ‘gezellig’ druk, alhoewel hierover de meningen verdeeld zijn. Kampeerders zullen in de maanden april en mei (mogelijk tot half juni) veel campings gesloten vinden. Ná augustus neemt de drukte snel af. Daarom is september een goed alternatief voor juni, ondanks dat de zon eind september pas om acht uur opgaat en het om 20:00 alweer bijna donker is.

De drukte in augustus wordt mede veroorzaakt door het grote aantal Caminotoeristen op de route. Deze categorie pelgrims is van een ander slag. Net als de vele (Spaanse) mountainbikers die de route vooral in augustus ‘onveilig’ maken. De drukte heeft uiteraard gevolgen voor de bezetting van de albergues. Slapen op de grond, in een noodonderkomen of op andere minder aantrekkelijke plekken kan uw deel zijn. En de hygiëne in de albergues is in augustus vaak ook van mindere kwaliteit. Mijd dus de maand augustus.

Indien u de feestelijkheden en de drukte rond de naamdag van Sint Jacob op 25 juli wilt meemaken, plan dan uw vertrek op of rond 20 juni. In een heilig jaar (ano santo) is het dan extra druk. Het eerstvolgende heilig jaar (sinds 2016) is echter pas in 2021; het eerste was in 1126, ingesteld door Paus Calixtus II.

Lange dagen

Zon op, zon onder in Burgos

Lange dagen zijn van belang omdat u dan het ritme ‘vroeg op en op tijd stoppen’ kunt aanhouden. Wat vroeg op is, hangt af van de keuze hoe u wilt overnachten: zes uur als u kampeert, zeven uur-half acht in een hotel. In beide gevallen is deze tijd afgestemd op de vertrektijd: acht uur ’s ochtends, tevens de uiterste vertrektijd uit Spaanse refugio’s.

Vergis u niet. U kunt de Nederlandse tijden zon-op, zon-onder niet zomaar transplanteren naar Spanje. Hiernaast een grafiek van het zon-op/zon-onder tijdvak voor Burgos. In juni gaat de zon rond tien over half zeven op en rond tien voor tien onder.

Mooie natuur

De Spaanse Meseta met windmolens.

De groene Meseta met windmolens.

En tenslotte pleit het voor juni dat er dan in Spanje massa’s ooievaars rondvliegen en nestelen. Mooi om te zien. Ook zijn de graanvelden op de Meseta nog groen en bloeien er bloemen langs de weg. Zeker in Frankrijk maar ook in Spanje. Het enige wat u in het voorjaar mist zijn de druiven aan de wijnranken, bijvoorbeeld in de Rioja.
Op de site van het Nederlands Genootschap van Sint Jacob vond ik deze tekst: “Als je tegen de wind in aan het zwoegen bent, je teller nog geen 10 km per uur aangeeft en je in de berm een bord Santiago 514 km ziet, is dat niet echt om vrolijk van te worden.”
Het bord waarnaar wordt verwezen staat hiernaast op de foto. Op de achtergrond zijn windturbines zichtbaar. Die staan hier inderdaad niet voor niets. Maar gelukkig kunt u 2 km ná dit bord linksaf naar het mooie caminodorpje Hontanas. Dat is wel om vrolijk van te worden.

naar boven

Routes

Europese pelgrimsroutes naar Santiago de Compostela

Europese pelgrimsroutes naar Santiago de Compostela

Alle wegen leiden naar Rome, is het gezegde. Datzelfde geldt voor Santiago de Compostela. Er zijn in de loop der eeuwen tal van min of meer officiële pelgrimsroutes naar Santiago geweest. De oudste waren waarschijnlijk de hoofdwegen door het Romeinse Rijk. Nu nog te zien aan bijvoorbeeld het feit dat de oude Romeinse stad Saintes (de arena wordt nu nog gebruikt) op de huidige voie de Tours ligt.
De pelgrims van verder weg (tot aan Polen toe) gebruikten de middeleeuwse hoofdwegen. Fietsroutes worden pas in de laatste decennia van de vorige eeuw ontwikkeld. En dan vooral voor pelgrims uit de Lage Landen, waar fietsen populair is.

EuroVelo nr 3

EuroVelo nr 3

Eurovélo
Momenteel is er ook in andere Europese landen meer aandacht voor fietsen. Zo is er het EU-project EuroVélo en ontwikkelen de Fransen ‘voies vertes’, fietspaden door Frankrijk, bijvoorbeeld over het traject van een oude spoorlijn. In Spanje heten deze fietspaden ‘vias verdes‘. Als u via Jaca rijdt dan fietst u in de buurt van Lumbier over een oude spoorlijn. Dit traject loopt door een prachtige kloof (Foz de Lumbier) en gaat door twee pikdonkere tunnels.
De langste Europese fietsroute naar Santiago is EuroVéloroute nr 3, de ‘Pilgrims route‘ geheten. Deze route loopt (in 2020 als hij helemaal klaar is) van het Noorse Trondheim naar Santiago de Compostela en is dan ruim 5.000 kilometer lang. De delen die nu klaar zijn, zijn lastiger te fietsen dan de Sweermanroute.
Het eerste deel (640 km) is een oude Scandinavische pelgrimsroute naar het graf van de Noorse koning Olaf II Haraldsson in de Nidaros kathedraal in Trondheim. Hij stierf in 1030 en werd in 1164 heilig verklaard, sindsdien bekend als Sint Olaf.

Vier wandelroutes en twee fietsroutes door Frankrijk

Vier verschillende wandelroutes naar Santiago

Door Frankrijk lopen vier wandelroutes. Voor fietsers heeft Clemens Sweerman (overleden op 13 juni 2018) twee fietsroutes door België en Frankrijk ontwikkeld plus een fietsvariant van de Camino Francés in Spanje. De reis naar de eindbestemming in Spanje via de westelijke St. Jacobsroute is ca 2.500 km. Via de oostelijke route Langs oude wegen (en pelgrimssteden) ca 2.800 km. De vier Franse wandelroutes zijn in bovenstaande figuur als volgt weergegeven:
1. de GR 655, voie de Tours in rood.
2. de GR 654, voie de Vézelay in groen.
3. de GR 65, voie du Puy (en-Velay) in paars.
4. de GR 653, voie de Arles in rose.

Deze routes hebben ook een Latijnse naam die verwijst naar de oude pelgrimssteden aan de route. Via Turonensis (Tours, GR655), de via Lemovicensis (Limoges, GR654), de via Podiensis (le Puy, GR65) en de via Tolosana (Toulouse GR653). Deze steden zijn de enige link met de pelgrimsroutes tijdens de bloeiperiode van de pelgrimage naar Santiago de Compostela rond de 11e eeuw. De routes tussen de (pelgrims)steden zijn alle in de jaren ’70 van de vorige eeuw ontwikkeld door le Comité départemental des Sentiers de Grande Randonnée. Vandaar de aanduiding GR: Grande Randonnée. Er zijn tal van andere GR-routes in Frankrijk.
De eerste drie wandelroutes komen samen in Saint Jean-Pied-de-Port en steken van daaruit de Pyreneeën over via de Puerto de Ibañeta. De voie Arles neemt de Somportpas. In Puente la Reina komen deze twee routes samen met de Spaanse route uit de provincie Aragón en gaan verder als de Camino Francés, hierboven zwart gestippeld.
De bruine Spaanse kustroute is de Ruta del Norte. Een alternatief voor de Camino Francés, maar aanzienlijk zwaarder. En veel minder populair.
Sweermans westelijke Sint Jacobsroute is een fietsvariant van de voie de Tours. De oostelijke route Langs oude wegen en pelgrimssteden is een fietsvariant gebaseerd op delen van de drie andere Franse wandelroutes. Om deze routes te koppelen heeft Sweerman ‘koppelstukjes’ bedacht. De grijs gestippelde lijntjes in bovenstaande figuur. Nadat de twee fietsroutes aan de voet van de Pyreneeën zijn samengekomen volgt Sweermans fietsvariant van de Camino Francés.
De term fietsvariant doelt op het feit dat de wandelroutes veelal zanderige paden volgen. De fietsroute gaat in dezelfde richting, maar volgt vrijwel altijd het asfalt van de Franse D (doorgaande departementale wegen) en C (smalle binnenweggetjes) wegen. In Spanje zijn veel minder kleine binnenweggetjes. Daarom moest Sweerman er regelmatig voor kiezen om óf ver van de wandelroute af te wijken, óf het zand- en keienpad van de wandelroute te volgen of helaas tóch maar een drukke N-weg te nemen. Het idee dat u écht over oude middeleeuwse pelgrimsroutes fietst is (bijna altijd) een illusie. Tenzij u over de N10 (nu D910) gaat fietsen, bijv van Tours naar Châtellerault.

Op deze site beperk ik me tot de fietsroutes die onder regie van Clemens Sweerman zijn ontwikkeld. Ze zijn onderdeel van een hele serie Europese langeafstandsroutes, uitgegeven door uitgeverij Pirola en op te zoeken op de site van Europafietsers.nl. Het betreft:

  1. de Sint Jacobsroute.
  2. de route Langs oude wegen (en pelgrimsteden).
  3. de Spaanse Camino Francés.

De Sint Jacobsroute en de route Langs oude wegen (LOW) zijn aanvoerroutes van de Camino Francés. Als alternatief voor de Camino Francés komt de Spaanse Ruta del Norte aan de orde. Van deze route is geen ‘Sweermanboekje’ beschikbaar.

Rosenstock Huessy

Rosenstock-Huessy Huis, Hagestraat 10, Haarlem

Alhoewel St. Jacobiparochie met het Jabikspaad soms ook als het startpunt van de Camino vanuit Nederland wordt gezien, heeft Haarlem de meeste rechten. In het Rosenstock-Huessy Huis ontvangt een groep vrijwilligers pelgrims. U krijgt er informatie, een kop koffie en een (eerste) stempel in Uw pelgrimspaspoort. Ook kunt u een rondleiding krijgen door het oude klooster met kapel en u kunt zich laten uitzwaaien door familie en bekenden.

Jacobsbeeldje uit 16e eeuw.

Jacobsbeeldje uit 16e eeuw.

Als u gebruik wilt maken van de diensten van de vrijwilligers, stuur dan een mail naar haarlem.santiago@gmail.com met vermelding van telefoonnummer, geplande vertrekdatum/tijd en manier van pelgrimeren: lopen of fietsen. Het huidige Rosenstock-Huessy Huis was in 1437 het Sint-Jacobs Godshuis, dat op aangeven van de weduwe van Jan Bette Heinricxzn een opvanghuis werd voor de armen in Haarlem, onder bestuur van het Sint Jacobsgilde. Het gaf tevens onderdak aan pelgrims op weg naar Santiago. Nu een mooie historische plek.

Eenmaal vertrokken zijn er twee routes door België en Frankrijk mogelijk. De westelijke Voie de Tours (St. Jacobsroute, ca 2.500 km) en de oostelijke Voie de Vézelay (Langs oude wegen, ca 2.800 km).

De route 'Langs oude wegen' is veel mooier.

De route ‘Langs oude wegen’ is veel mooier.

De verschillen tussen deze routes zijn:

  1. de westelijke route is 350 km korter*.
  2. de westelijke route is (veel) minder heuvelachtig.
  3. op de westelijke route zijn meer winkels, cafés en brasserieën.
  4. de westelijke route heeft meer vlakke stukken (bv. Les Landes).
  5. op de westelijke route kunt U iets langere etappes plannen.
  6. de oostelijke route gaat door een mooier landschap.
  7. op de oostelijke route is het rustiger fietsen.
  8. de oostelijke route voert (uiteraard) langs andere steden.
  9. op de oostelijke route begint U direct met klimmen en dalen.
  10. de oostelijke route vangt iets minder (zuid)westenwind.

*) berekend over de totale afstand, indien de fietser die de westelijke route neemt over Ibañetapas gaat vergeleken met de fietser van de oostelijke route die de Somportpas neemt.
Indien u de westelijke route neemt en in bijv. Dax besluit de Somportpas te nemen (i.p.v. de Ibañeta) dan ‘kost’ u dat circa 100 km. Als u de oostelijke route neemt en in Oloron-Sainte-Marie besluit de Ibañetapas te nemen (i.p.v. de Somport) dan ‘bespaart’ u zo’n 50 km.

In de praktijk nemen de meeste fietsers de Sint Jacobsroute en worden de Pyreneeën overgestoken via de Puerto de Ibañeta. Een prima keuze met de minste risico’s. Maar de route Langs Oude Wegen en Col du Somport hebben mijn absolute voorkeur. Ietsje lastiger, wat langer maar zoveel mooier!

Bijzonder is dat u zult merken via een onzichtbaar draadje met andere fietsende pelgrims verbonden te zijn. Mensen die u vandaag ontmoet ziet u een paar dagen niet en dan staat u opeens weer oog in oog met hen ergens op een plein, op een camping of langs de kant van de weg. Soms zoeken pelgrims elkaar op en fietsen een stuk samen. Soms dagen lang. Maar het is de vraag of iedereen op gezelschap zit te wachten.

Voor degenen die op de teksten op de blog van een pelgrim reageren met opbeurend bedoelde opmerkingen zoals ‘je bent er bijna’ en ‘nog maar 100 kilometer’ heb ik een teleurstellend bericht. Bijna het ergste wat een pelgrim kan overkomen is dat hij/zij zich realiseert ‘ik ben er bijna’. Want dat betekent ‘het is afgelopen, uit, over, ten einde’. Hoe fijn de aankomst op het plein voor de kathedraal ook zal zijn, het besef dat ‘het’ daarmee over is, is voor velen ook een domper op de feestvreugde.

Ervan uitgaande dat u vijf à zes weken beschikbaar heeft kunt u in plaats van fietsen vanuit Nederland ook gaan lopen vanuit St. Jean Pied-de-Port. De verschillen tussen het fietsen en het lopen van El Camino zijn:

  1. Lopen is fysiek aanzienlijk zwaarder dan fietsen.
  2. De dagindeling is anders: wandelaars vertrekken in alle vroegte (in het donker, om 06:00 is geen uitzondering), fietsers vertrekken tussen 08:00 en 09:00. De meeste wandelaars stoppen om uiterlijk 14:00 uur, de fietser tussen 16:00 en 17:00 uur.
  3. Gemiddelde dagetappe wandelen: 25 km. Fietsen: 80 à 90 km.
  4. De routes zijn regelmatig anders. Niet alleen tussen de dorpen en steden aan de Camino, maar soms wijkt de fietsroute (ver) af van de wandelroute en komt -dus- door plaatsen die niets met de Camino van doen hebben. Ook mist de fietsroute Caminodorpjes zoals Redecilla del Camino, Hontanas, Hornillos del Camino en vele andere.
  5. Fietsers volgen (meestal) het asfalt, wandelaars lopen (veelal) op zand- en gravelpaden.
  6. Wandelaars hebben bij sommige albergues voorrang op fietsers; soms zijn fietsers pas na vijf uur welkom in een albergue. (als er dan nog plaats is)
  7. Fietsers zijn flexibeler. Zij kunnen gemakkelijker een bezienswaardigheid bezoeken die niet direct aan de route ligt of doorrijden naar een andere albergue.
  8. Wandelaars voelen zich (en zijn het wellicht ook) de échte pelgrims.
  9. Wandelaars moeten alerter zijn op het gewicht van hun bagage. Zij kunnen aanzienlijk minder kilo’s meenemen.
  10. Wandelaars zijn veruit in de meerderheid.

Harry de Bot beschrijft in zijn artikel ‘De vrijheid van de fietser’ op treffende wijze deze verschillen. Zie pag 40 van De Jacobsstaf nr 97.

De westelijke Sint Jacobsroute is ’t gemakkelijkst

Markant bouwsel langs de westelijke Sweermanroute

Markant bouwsel langs de westelijke Sweermanroute

Voor wie de eerste keer de route rijdt, verdient de westelijke route door Frankrijk (via Turonensis) en verder naar het zuiden overgaand in de Camino Francés de voorkeur. Deze route is initieel door Clemens Sweerman ontwikkeld en staat beschreven in drie boekjes:

– Boekje 1 Haarlem-Tours, nieuwe druk 2016.
– Boekje 2 Tours-Oloron Ste Marie, 6e dr. 2013.
– Boekje 3 Oloron Ste Marie-Santiago, nieuwe druk 2016.

De drie boekjes kosten samen bijna € 70. Van deze routes zijn ook GPS-bestanden beschikbaar. Deze bestanden zijn via bovenstaande links naar de site van Europafietsers.nl te downloaden. De boekjes zijn te bestellen op de site van o.a. Fietsvakantiewinkel.nl.
Gebruik geen verouderde versies. Het wegennet en de nummering ervan verandert als gevolg van de decentralisatie van het wegbeheer (naar Franse departementen) in een hoog tempo. Maar ook in Spanje staat de ontwikkeling van wegen niet stil.

De westelijke fietsroute kent een paar alternatieven, zoals:
– via Chartres naar Tours in plaats van via Parijs.
– via Angoulême naar Dax in plaats van via Saintes en Bordeaux.

Er kunnen onderweg misverstanden ontstaan omdat sommige Franse departementale overheden zelf de fietsroute “St. Jacques à vélo” ontwikkelen, onderdeel van Euro-véloroute 3, de Pilgrimsroute. Deze route loopt soms gelijk met de westelijke Sweermanroute maar vaak ook niet. De Franse bewegwijzering van deze route kan daarom conflicteren met de Nederlandse stickers van het genootschap die u onderweg ziet en/of met de routebeschrijving in met name Sweermans boekje 2, resp. de GPS-route.

Santiago 2.500 km

Santiago 2.500 km

Klik op route santiago voor een pdf-file van de gehele St.Jacobsroute. Deze route komt oorspronkelijk van de inmiddels vervallen site santiago2011.nl en hij is inmiddels behoorlijk gedateerd. Het dorpje Demen is startpunt. Deze versie wijkt inmiddels sterk af van St. Jacobsroute volgens de actuele Sweermanboekjes en de GPS-route. Gebruik dit pfd-bestand daarom alleen om een idee van de route te krijgen.

De route Langs Oude Wegen en Pelgrimssteden is ’t mooist
Voor wie niet terugschrikt voor een forse klim is er deze, erg mooie, route. Meestal verkort Langs oude wegen of LOW genoemd. Deze oostelijke route loopt van Maastricht via Vézelay naar de Pyreneeën en is beschreven in twee boekjes:
Boekje 1 Maastricht-Nevers, editie 2015.
– Boekje 2 Nevers-Pyreneeën, 5e dr. 2015.

Na de Pyreneeën volgt deze route de camino Francés, zie hiervoor genoemd boekje 3 van de westelijke route.
Via de links naar site van Europafietsers vindt u de bijbehorende GPS-bestanden.
De oostelijke route is vooral in het begin lastiger vanwege de heuvels in de Belgische Ardennen. En ook het stuk tussen Vézelay en Cahors (500 km) is behoorlijk heuvelachtig. Deze route is de mooiste route qua landschap en stadjes. De westelijke route wordt pas interessant na Chartres en er zit bovendien een heel stuk doodsaaie Les Landes in.
Voor de fijnproevers: De oostelijke fietsroute voert naar Vézelay, pikt daar de ‘Via Lemovicensis‘ (GR 654; Voie de Vézelay) op tot St. Léonard-de-Noblat. Van daaruit wordt een doorsteek gemaakt naar Cahors waarna de fietsroute een klein stukje de ‘Via Podiensis’ (GR 65, Voie du Puy), komend uit Le Puy-en-Velay, volgt. Tot aan Lectoure. Vanaf Lectoure wordt een doorsteek gemaakt naar L’Isle-de-Noe. Daar sluit de fietsroute aan op de ‘Via Tolosana‘ (GR 653, Voie de Arles) die vanuit Arles komt. De Via Tolosana is de enige Franse route die de Pyreneeën oversteekt via de col du Somport en in Jaca aansluit op de Spaanse Ruta Aragonés. De drie andere Franse routes komen -oorspronkelijk- samen in het plaatsje Ostabat, 18 km voor St. Jean-Pied-de-Port. Inmiddels heeft St. Jean-Pied-de-Port de rol als verzamelpunt voor de oversteek van de Pyreneeën van Ostabat overgenomen.
Een alternatief voor deze Sweermanroutes door Frankrijk is een combinatie van de fietsroute Eindhoven-Barcelona en de Katharen-fietsroute Narbonne-Biarritz, ‘overstappen’ in Béziers of Narbonne. De Katharenroute is prachtig maar ook zeer pittig.

Op Gronze.com vindt u veel gegevens over alle wandelroutes -bijv. Voie de Vézelay- keurig bijeen. U kunt goed zien dat de fietsroute ‘Langs oude wegen’ een samenstelling is van delen van drie wandelroutes. Vandaar ook de naam van deze fietsroute.

Soms kiezen pelgrims ervoor om de twee Franse routes te combineren. Ze steken halverwege Frankrijk over van de ene naar de andere fietsroute. Lees hier het verslag van een Vlaams groepje pelgrims dat deze oversteek maakt. Ze zetten er behoorlijk de vaart in, in 23 (!) dagen van Riemst naar Santiago.

Totale afstand van de routes
Omdat de St. Jacobsroute en de route LOW vanaf Puente la Reina verder gaan als één route staan de afstanden hieronder als volgt vermeld:
– St. Jacobsroute: Haarlem-Puente la Reina: 1.650 km.
– Langs oude wegen: Haarlem-Puente la Reina: 2.000 km.
– Camino Francés: Puente la Reina – Santiago: 765 km.

Op basis van deze cijfers is de totale afstand van de St. Jacobsroute 2.415 kilometer en van de route Langs oude wegen 2.765 kilometer. Deze afstanden zijn indicaties. De werkelijk gefietste afstand is uiteraard afhankelijk van waar precies u vertrekt, maar ook van welke routevariant u volgt, welke pas over de Pyreneeën u neemt en hoe vaak u -gepland of ongepland- van de route afwijkt. Wilt u precies weten hoeveel kilometer u gefietst hebt, zorg er dan voor dat de kilometerteller op uw fiets nauwkeurig is afgesteld.
Opmerking: Op de site van het Genootschap staat vermeld dat de route Langs Oude Wegen 200 km kórter is dan de Sint Jacobsroute, 2.300 versus 2.500 km. Mogelijk heeft dit te maken met hun interpretatie van Sweerman’s routeboekjes. Waarin ‘geadviseerd’ wordt de Somportpas te nemen. In de praktijk nemen van de fietsers die de St. Jacobsroute volgen veelal de kortere route via de Ibañetapas. Ook een deel van de fietsers die Langs Oude Wegen rijdt maakt deze keuze. Maar het is vooral het gevolg van de keuze van het Genootschap de lengte route Langs Oude Wegen niet vanuit Haarlem te berekenen, maar vanuit Maastricht. De St. Jacobsroute wordt wél vanuit Haarlem, ruim 200 km noordelijk, berekend.

Aanvullingen op routeboekjes zijn niet meer beschikbaar
Tot eind 2015 kon u op de site van Europafietsers aanvullingen vinden op de meest recente edities van de routeboekjes. Die service is vervallen. In 2016 is begonnen met de uitgave van een zogenoemde ‘nieuwe druk’ van de vijf routeboekjes. Twee ervan zijn inmiddels beschikbaar, zie de links hierboven. De kaarten in de nieuwe druk zijn -volgens reviews- minder gedetailleerd, hetgeen sommige gebruikers betreuren.
De aanvullingen op oudere uitgaven inmiddels sterk zijn verouderd en van de nieuwe druk worden geen aanvullingen uitgegeven. Het is daarom verstandig de verouderde aanvullingen van de nog niet herdrukte boekjes (die u mogelijk ergens opgeduikeld heeft) niet te gebruiken. Het kopen van tweedehands routeboekjes is ook af te raden.

Welke Pyreneeënpas?
Beide fietsroutes door Frankrijk eindigen aan de voet van de Pyreneeën. Daar staat u voor de keuze welke pas over de Pyreneeën u neemt. De meeste fietsers hebben deze keuze vooraf al gemaakt. Maar u kunt in zuid-Frankrijk bij zowel de westelijke als de oostelijke route door Frankrijk nog kiezen welke pas u neemt.
Veruit de meeste fietsers (en wandelaars) kiezen ervoor om naar Saint Jean-Pied-de-Port te gaan en van daaruit de Spaanse puerto de Ibañeta, de Roelandspas op 1.057 meter, te nemen. Een klein aantal -bijna uitsluitend fietsers- neemt vanuit Oloron-Ste-Marie de col du Somport, ruim 1.600 meter hoog, precies op de Spaans-Franse grens. Deze oversteek sluit in Jaca aan op de Spaanse Ruta Aragonés die uit het oosten naar Puente la Reina voert. Welke pas u ook neemt, in Puente la Reina komen alle routes samen en gaan verder als de Camino Francés.

Helaas bestaat het idee dat de oostelijke Somportpas stukken zwaarder is dan de westelijke Roelandspas. Misschien doordat de ene pas in absolute cijfers een stuk hoger ligt dan de andere pas. Maar de zwaarte van een bergpas wordt niet bepaald door de absolute hoogte ervan (uitgezonderd passen op grote hoogte met ijle lucht, maar daar is geen sprake van).

Somportpas, afdaling naar Jaca

Welke Pyreneeënpas de moeilijkste is hangt vrijwel uitsluitend af van het weer dat u treft. Onder gelijke weersomstandigheden is er bijna geen verschil.
Het te overbruggen hoogteverschil is ongeveer gelijk (950 meter), de stijgingspercentages verschillen nauwelijks, meestal tussen de 6% en 8%. De relevante verschillen tussen de twee Pyreneeënpassen zijn:

  1. de route via de Somport is langer*.
  2. op de route via de Roelandspas ligt het drukke en toeristische St. Jean-Pied-de-Port. In Oloron-Sainte-Marie is nauwelijks een pelgrim te bekennen.
  3. de weg naar de Roelandspas voert 24 km over de vrij drukke D933/N135. De route over de Somport mijdt zoveel mogelijk de vrij drukke N134 en is daardoor veiliger.
  4. de Somportpas zelf en de route ernaar toe is mooier (vind ik) dan de westelijke route.
  5. Bij de Roelandspas ligt het kleine Roncesvalles met de grote ‘Nederlandse’ albergue. Op de Somport is een herberg met beperkte capaciteit.

*) Reken op zo’n 100 kilometer extra als u vanuit Dax via de Somportpas naar Puente la Reina fietst.

Wilt u de grote stroom pelgrims volgen en de kortste route nemen, fiets dan over de Roelandspas. Heeft u tijd, wilt u de drukte mijden en genieten van mooie natuur en uitzichten, neem dan de Somportpas.

Puerto de Ibañeta
Dit is de meest populaire bergpas. Hij ligt in Spanje een paar kilometer voor Roncesvalles. De Franse namen zijn: col d’Ibaneta en Ronceveaux. In het Nederlands heet de col de Roelandspas. Genoemd naar een ridder van Karel de Grote, Roeland (Roelant, Roland, Orlando of Hruodland) die daar door de Basken werd aangevallen en verslagen. U weet wel, de man van het Roelandslied. In Roncesvalles staat een monument dat aan dit gevecht herinnert.
De Frans/Spaanse grens ligt er een paar kilometer vóór, bij Arnéguy. De fietsers volgen vanaf St. Jean-Pied-de-Port de D933, na de grens in Spanje de N-135 geheten. Dit is een drukke weg, niet zo heel breed en met vrij veel vrachtverkeer. En niet zo leuk om te fietsen. De wandelaars volgen een geheel andere, wat moeilijk begaanbare bergroute, iets oostelijker gelegen. Behalve bij erg slecht weer. Dan wordt hen geadviseerd ook het asfalt te volgen. De Ibañetapas heeft een duidelijk startpunt: St.Jean-Pied-de-Port. De totale klim is 24 kilometer, maar hij begint pas echt bij Arnéguy. Klik hier voor een gedetailleerd profiel van de beklimming van de puerto de Ibañeta.

pyreneeen-passen-ibaneta

Ibañeta, soms mistig en koud

Op de bergpas staat een modern kerkgebouwtje. Behalve een paar borden die de richtingen aanwijzen en een vervallen kerkhofje is er verder niets. Het kan er -ook midden in de zomer- mistig en koud zijn.
Pas in Roncesvalles, vier kilometer bergafwaarts, vindt u een gelegenheid om wat te eten of te drinken. Daar staat ook een klooster en de pelgrimsalbergue die gerund wordt door Nederlandse vrijwilligers van het Nederlands Genootschap van Sint Jacob. Ook staat er de Silo van Charlemagne, Karel de Grote, met daarin enkele pelgrimsgraven. Vanaf Roncesvalles daalt de weg (enkele korte klimmetjes daargelaten) naar Pamplona. Een mooie, echt Spaanse stad. Ooit de trotse hoofdstad van het koninkrijk van Navarra.

De Somportpas

De N-134 naar de Col du Somport

Urdos: de N-134 naar de Col du Somport

Klik hier voor een gedetailleerd profiel van de beklimming van de col du Somport. De lengte van deze klim is afhankelijk van het punt waar de klim volgens u begint. Rekent u vanaf Oloron-Sainte-Marie dan is de klim 56 kilometer. Neemt u Accous als startpunt dan is de klim 28 kilometer. Het echte klimmen begint pas bij Urdos, 13 kilometer onder de top. De weg gaat vanaf Oloron Ste Marie weliswaar omhoog, maar het stijgingspercentage is daar maximaal 4%. Deze weg loopt grotendeels over een rustige weg via enkele kleine dorpjes. Het laatste stukje vóór Urdos volgt u de N-134. Mogelijk ervaart u de Somportpas best wel gemakkelijk als u overnacht in een van deze dorpjes, bijv. Accous of Etsaut. Of, als laatste mogelijkheid vóór de col, in Urdos. Ongeveer 4,5 kilometer ná Urdos verlaat u de N-134 weer en vervolgens rijdt u 8,5 kilometer door een mooi natuurgbied over een rustige weg langzaam omhoog naar de col op 1.632 meter.

Twee Nederlandse fietsers zijn bijna op de Col du Somport

Op de col ligt de Frans/Spaanse grens en er staat een café/restaurant annex albergue. Vlak na deze pas in Candanchú liggen de fundamenten van het middeleeuwse pelgrimsklooster en hospitaal Santa Cristina. Deze pas was in de bloeiperiode van de Camino de belangrijkste bergpas in de Pyreneeën. Er is nu vrijwel niets meer dat daaraan herinnert.

Hostal op de Col du Somport

Hostal op de Col du Somport

Vrij snel na de pas komt u door het (ski)dorpje Canfranc en Canfranc Estación. Deze toevoeging verwijst naar het enorme station dat er staat. Het was ooit bedoeld als belangrijk station aan de spoorlijn naar het Franse Pau. Maar die is na de aanleg nooit gebruikt. Nu is Canfranc Estación een Spaans eindstation, veel te groot voor het huidige gebruik. De spoorlijn is grotendeels afgebroken; onderweg naar de Somport ziet u nog wat restanten. In Canfranc (Estación) zijn verschillende restaurantjes en overnachtingsmogelijkheden.

pyreneeen-passen-somport

De percentages in hiervoor getoonde grafieken van de klim naar de Pyreneeënpassen kunt als volgt interpreteren:

    • tot 4% stijging is gemakkelijk, ook gedurende veel kilometers.
    • tussen 4% en 6% begint het pittiger te worden, maar zeker niet onoverkomelijk.
    • tussen 6% en 8% kan de stijging als “vrij zwaar” worden ervaren.
    • tussen 8% en 10% is ronduit zwaar. Uw snelheid kan terugvallen tot 5 km/uur.
    • boven de 10% is bijna niet te doen, tenzij u erg weinig bagage heeft.

Ter vergelijking: Alpe d’Huez: gemiddeld 8 à 9%; de steilste 1.000 meter op de Mont Ventoux is 10%. De gehele klim op de Ventoux is gemiddeld 7,4%. Sommige lezers zullen wel mopperen dat de weg naar de afgrond is geplaveid met gemiddelden. Maar neem van me aan: het klim naar een van de Pyreneeëncols is prima te doen, behalve bij slecht weer. Regen en kou kunnen grote spelbrekers zijn.

De Camino Francés

En vanaf hier worden alle wegen naar Santiago één.

Nadat u een van de twee Pyreneeënpassen bent gepasseerd fietst u naar Puente la Reina. Indien u de Ibañeta hebt genomen en richting Pamplona bent gegaan is het nog maar een klein stukje fietsen. Niet bijster interessant. Maar voor hen die de Somportpas hebben genomen is de weg naar Puente la Reina zo’n 100 kilometer  langer. Met een paar mooie bezienswaardigheden: het stadje Jaca, het oude klooster San Juan de la Peña, het dorpje Sangüesa, eventueel het klooster in Leyre en net voor Puenta la Reina de beroemde kapel Santa Maria Eunate.
In Puente la Reina staat een beeldje op de plek waar de Camino Francés begint. “En vanaf hier worden alle wegen naar Santiago één”, staat er in ’t Spaans. Alleen degenen die de Somportpas hebben genomen zien het beeldje direct bij binnenkomst van het stadje. Komt u via Pamplona dan moet u het hele dorpje door om het beeldje te zien. En daarna weer terug naar de veelvuldig gefotografeerde brug. De originele brug is eeuwen geleden in opdracht van de koningin van Navarra speciaal voor pelgrims aangelegd. Vandaar de naam van het stadje: Puente la Reina = Koninginnebrug.

De Camino Francés, de populaire Spaanse wandelroute naar Santiago is ongeveer 750 km lang. In tegenstelling tot de Franse routes treft u op de Camino Francés veel overnachtingsmogelijkheden speciaal voor pelgrims: albergue of soms ook refugio genoemd. Ook het aantal restaurantjes, barretjes en kroegjes is enorm. Op verschillende sites kunt u een overzicht van overnachtingsmogelijkheden op deze route vinden. Er bestaat geen allesomvattend en dag-actueel overzicht. Hieronder twee vrij actuele pdf-jes:
1. Albergues op de Camino Frances
2. Albergues op de Camino Francés

Wandelaars op de Camino Francés

De file onder (1) is opgesteld op basis van informatie op de site Spanishsteps.eu in mei 2013. Deze site bestaat niet meer. Beide downloads volgen de wandelroute. Die wijkt regelmatig af van de fietsroute. Vandaar dat u in de files dorpjes ziet die niet aan de fietsroute liggen en dat u dorpjes die aan wél aan de fietsroute maar níet aan de wandelroute liggen mist. Nadere informatie over overnachtingsmogelijkheden staat onder vraag 14.

Klik op Camino Francés – easy riding voor een (niet meer volledig actuele) pdf-file met fietskaartjes van de Camino Francés. In boekje 3  Oloron Ste Marie-Santiago, staat de routebeschrijving van de Camino Francés. De nieuwe druk 2016 sluit aan op boekje 2 LOW en op boekje 2 van de Sint Jacobsroute. Ook van Camino Francés zijn GPS-bestanden te downloaden van de site van Europafietsers.nl.

Onderstaand hoogteprofiel van de Camino Francés, lees ’t van rechts naar links, is ietsje aangepast overgenomen van de site http://www.gdecarli.it/extra/santiago/index.htm.

Hoogteverschillen op de Camino Francés

Wie gemakkelijker van links naar rechts leest kan via onderstaande grafiek een beeld krijgen van de klimpartijen die u op de Camino Francés te wachten staan. Meer informatie over klimmen staat onder vraag 21.

Hoogteprofiel Camino Frances per fiets

Hoogteprofiel Camino Francés per fiets

Over de Camino fietsen

Ook in Foncebadón kunt u een stukje de wandelroute rijden.

Soms willen fietsers de wandelroute volgen. Er zijn een paar stukken waar dat kan. Niet veel, want de wandelroute gaat vaak over smalle onverharde paadjes die zelfs met een mountainbike en zonder bagage een hele uitdaging zijn. In boekje drie staan er een paar aangegeven, bijvoorbeeld het traject Carrión de los Condes naar Calzadilla de la Cueza, een afstand van vijftien kilometer. Spaanse mountainbikers fietsen vrijwel allemaal de wandelroute. Regelmatig tot grote ergernis van de wandelende pelgrims. Als u de uitdagingen van de wandelroute ook wilt ervaren ben dan voorzichtig. Houd rekening met het feit dat de wandelaars er eigenlijk niet zo van gediend zijn dat fietsers in hun vaarwater zitten.

Ze lopen links, rechts en door het midden..

Ze lopen links, rechts en door het midden..

In drukke tijden is de weg vol met voetgangers die links, rechts en door het midden lopen. Ze wijken uit op de meest vreemde momenten en ze stellen geen prijs op fietsers die hen rakelings passeren. U heeft het moeilijk aanrijdingen te vermijden en tegelijk kuilen te ontwijken. Ook uw fiets heeft het moeilijk. Stof en gruis slaan neer op ketting en derailleur, de banden worden geteisterd door scherpe stenen. En als het regent of nat is, spat de modder alle kanten op. Kortom, om de sfeer te proeven kunt u besluiten een stukje echte camino te rijden, maar de lol gaat er snel vanaf. Op de site van het Engelse St. Jacob genootschap (Way of St. James) vindt u een overzicht van de etappes van de wandelroute van Roncesvalles naar Santiago. Door deze kaarten te vergelijken met de route in Sweerman’s ‘boekje drie’ krijgt u inzicht in de verschillen.

Mijd de N-wegen
Het voordeel van de Sweermanboekjes is dat de minst drukke en meest veilige route is uitgestippeld, plus dat er veel informatie over bezienswaardigheden langs de route in vermeld staat. Dat geldt zowel in Frankrijk als in Spanje. U rijdt wel een aantal kilometers om. Natuurlijk kunt u ervoor kiezen onderweg af te wijken van de route. Bijvoorbeeld als u ziet dat er wel erg veel omgereden wordt. In onderstaand voorbeeld kunt u vanaf Santo Domingo de la Calzada de rode N120 blijven volgen in plaats van de paarse route die het boekje aangeeft. Kiest u in Frankrijk voor een alternatieve route houd er dan rekening mee dat veel voormalige (nationale) N-wegen nu drukke (departementale) D-wegen zijn. U kunt ze vaak aan hun nummer herkennen; ze beginnen vaak met het cijfer 9. Zo is bijv. de D910 in de buurt van Tours de oude N10 naar het zuiden. En de weg naar de Ibañeta nu de D933 was voorheen de N33. En het is dus een drukke weg. In Spanje verwijst de wegbenaming naar de provincie die de weg beheert. Het beheer van NA-wegen ligt bij de provincie Navarra en van BU-wegen bij de provincie Burgos. N-wegen worden op nationaal niveau beheerd. Ook in Spanje wordt gedecentraliseerd: de oude, nationale weg N111 heet bij Cirauqui in Navarra de NA-1110.

Indien u navigeert gebruik makend van een app op uw telefoon (google maps bijv. of view ranger) of als u uw route laat berekenen met GPS-navigatieapparaat (van bijv. Garmin) dan is de kans groot dat de berekende route u via drukke D-wegen (die tot voor kort N-wegen waren) of zelfs via vaak overbelaste N-wegen stuurt. Dit type wegen moet u echt mijden. U mag er fietsen maar het is levensgevaarlijk. Zeker met een grote vracht bagage. Investeer daarom óf in actuele routeboekjes óf in een GPS-apparaat met actuele detailkaarten.

Kaart in boekje 3

Reken er ook op dat de Spaanse N-wegen drukke wegen zijn met veel vrachtverkeer, met name de N120. Zonder fietspad ernaast. Hoogstens een wat breed uitgevallen strook asfalt rechts van de doorgetrokken streep aan de rechterkant van de weg. Bovendien moet u er in bovenstaand voorbeeld op bedacht zijn dat die rare kronkel in de weg, net voor de Puerto de la Pedraja in de Montes de Oca er niet voor niks zit. Belorado ligt op 638 m, de col op 1.150 m. Een hoogteverschil van ruim 500 meter over een afstand van 20 kilometer.

De N-120 doorkruist Redecilla del Camino

De N120 doorkruist Redecilla del Camino

Overigens loopt de wandelroute parallel aan de N120. Het smalle caminopad loopt dan weer links, dan weer rechts van de N120. Het komt door dorpjes als Redecilla del Camino, verderop Espinosa del Camino en passeert vervolgens de Puerto de la Pedraja om daarna af te dalen naar Burgos. Dus als u maximaal de wandelroute wilt volgen en/of wilt overnachten in de albergues in de dorpjes aan de N120, volg dan deze weg. Realiseert u zich wel dat fietsen over de N120 veel minder relaxt is dan fietsen over de route die Sweerman heeft bedacht.

GPS gebruiken.

Ook met GPS is 'verkeerd rijden' mogelijk

Ook met GPS is ‘verkeerd rijden’ mogelijk

Inmiddels heeft GPS het gebruik van de fysieke Sweermanboekjes behoorlijk verdrongen. Europafietsers heeft voor het gebruik van hun bestanden de tekst Europafietsers gebruiksaanwijzing GPS-tracks uitgegeven. Op hun site staat meer informatie over het gebruik van GPS, de voordelen, maar ook de nadelen. Het (impliciete) advies aan fietskoppels om de een GPS en de ander een fysiek routeboekje te laten gebruiken lijkt me uitstekend. Voor solisten is dat lastiger, maar een fysiek routeboekje als back-up voor het geval GPS het laat afweten is zo gek nog niet.
Belangrijk punt is ook het advies om ‘het juiste’ GPS-apparaat te gebruiken. Een apparaat dat geschikt is voor lange-afstand-tracks. Zelfstudie op internet helpt uiteraard, maar laat u ook adviseren indien u onvoldoende kennis van zaken heeft.
Let bij zelfstudie ook altijd op de actualiteit van de tekst. Zo stond in januari 2017 op de site van de Fietsersbond te lezen dat de Garmin eTrex 20 als beste koop uit een test kwam. Hopeloos verouderde informatie. Het apparaat (uit 2013) is in 2017 niet meer te koop. Mogelijk biedt gps.nl/fietsnavigatie/ actuelere informatie. Of kijk ook hier.
Het lijkt erop dat er momenteel best redelijke GPS-apparaten te koop zijn maar dat de prijs van een apparaat-met-kaarten, geschikt om in west-Europa lange afstanden te fietsen, nog steeds behoorlijk pittig is.

Ook als u (nog) geen GPS-apparaat heeft kan het -vóór u start- bekijken van een GPS-bestand van Europafietsers.nl interessant zijn. Installeer het programma (de app) Garmin Basecamp op uw pc of mac. Vervolgens laadt u een fietskaart van Europa.  Meer hierover vindt u hier. Daarna importeert u een *.gdb of *.gpx track van een fietsroute naar Santiago de Compostela van de site Europafietsers. U kunt dan op uw computer de hele route bestuderen. Wilt u een GPS-apparaat aanschaffen, laat u dan goed adviseren. Zowel ter zake het apparaat als over de navigatiekaart die op het toestel is/kan worden geladen.

Smartphone
Er is inmiddels een hele serie camino-app(licatie)s voor smartphones. De Baskische supermarkt Consumer Eroski heeft bijv. een gratis camino-app die off-line te gebruiken is. Deze geeft (spaanstalige) informatie over albergues en bezienswaardigheden. De app bevat ook een routebeschrijving voor wandelaars.
U kunt uiteraard uw smartphone voor navigatie gebruiken. Er is keuze uit verschillende apps met kaarten en navigatiemogelijkheden. Voor het antwoord op uw vraag ‘waar ben ik?’ prima, tenminste als ’t werkt op het moment suprême. Maar de berekende routes nemen vaak de kortste weg en die is niet altijd het prettigst om te fietsen. Op de site De wijde wereld.net  staan zinvolle adviezen voor het gebruik van een smartphone bij het navigeren:

      • Schakel het scherm alleen in als dat noodzakelijk is en beperk zo mogelijk de helderheid.
      • Zet 4G en 3G uit. Dit zijn echte energieslurpers! 2G is voor de app (bijv. Viewranger) voldoende om onder het fietsen kaarten te downloaden.
      • Laat geen apps op de achtergrond draaien.
      • Zet wifi uit.

Ook op de site Op pad.nl wordt over dit onderwerp geschreven.

U kunt in plaats van een (meestal duur) apparaat voor fietsnavigatie ook uw mobiele telefoon gebruiken (mits die met apps overweg kan). Van de site van Erik Ruissen kopieer ik zijn aanbeveling van de app Pocket Earth.  Als u de Pro-versie neemt (5 euro) dan kunt u Open Street Map kaarten op uw telefoon downloaden en deze off-line gebruiken. Of u kunt een complete GPX-track downloaden en importeren in de app.

Mountainbike/ATB.
Op verschillende (Spaanstalige) sites staan GPS-tracks van de Camino Francés voor mountainbikers. U kunt voor zulke route kiezen, maar een toerfiets is geen mountainbike en de bagage van een mountainbiker is aanzienlijk minder vergeleken met de toerfietser. Soms helemaal weinig omdat het grootste deel van de bagage per auto getransporteerd wordt. Als Spanjaarden ‘el camino’ fietsen, gaan ze vrijwel altijd per mountainbike/ATB. Mountainbikers volgen waar enigszins mogelijk de wandelroute. Tot ergernis van veel wandelaars die het niet prettig vinden als bikers hen onverhoeds en rakelings passeren. Mocht u de mountainbike willen nemen, houd hiermee dan rekening. U moet ook rekening houden met de kuilen en stenen op het wandelpad. En afdalen op het wandelpad is soms een hachelijke onderneming. Voor echte bikers geen nieuws. De foto’s hieronder geven een sfeerimpressie.

Met de mountainbike de Camino volgen is een uitdaging

Met de mountainbike de Camino volgen is een uitdaging

Genieten gaat boven snelheid
Het aantal kilometers vanuit Zuid Nederland (Vessem, of all places) is volgens sommigen slechts 2.380 km. Dat kan kloppen indien u de meest gerichte route neemt. Maar de kans dat uw teller in Santiago op 2.500 of iets meer kilometer staat is groot. Indien u de oostelijke route neemt komt u (alles bijeen) in de buurt van de 3.000 km. Voor sommige fietsers is de afgelegde afstand erg belangrijk. Zij meten de gereden kilometers tot in drie decimalen nauwkeurig. Voor anderen maakt het niet zoveel uit. Leuk om te weten maar daar houdt het bij op. Belangrijk is dat u zich realiseert dat de pelgrimage naar Santiago betekent dat u vele dagen (30 of meer) achtereen elke dag een fiks eind ‘moet’ fietsen. En dat vergt conditie, doorzettingsvermogen en vaak ook vindingrijkheid. Maar het is echt een geweldige ervaring, geniet ervan!

Indien grafieken met hoge pieken u de stuipen op het lijf jagen, troost u dan met het idee dat er (net als in de statistiek) ook in de grafieken drie categorieën zijn: Leugens, grove leugens en grafieken (statistieken). Hieronder een grafiek van de beklimming van de Monte Irago (met daarop het Cruz de Ferro) in een andere schaalverdeling. ‘ n Eitje zoals u ziet.

De klim naar Cruz de Ferro vanuit Astorga

De klim naar Cruz de Ferro vanuit Astorga

Ook op ‘OpenStreetMap’ treft u de camino aan, klik hier. En zelfs de Duitsers laten van zich horen, klik hier. Voor een pdf met alle camino’s in noord-Spanje klik op Camino-routes in N-Spanje.

Vertrek op een andere startplaats

Een ander route-issue is de vraag wat de opties zijn indien u uw fietsroute niet vanuit huis wilt beginnen maar op een locatie dichterbij Santiago. Dat kan relevant zijn indien u geen vier of vijf weken vakantie kunt opnemen. De belangrijkste vragen zijn dan:

      1. hoe kom ik op de startplaats?
      2. hoe komt mijn fiets (en bagage) op de startplaats?
Zuharpeta Huis.

Zuharpeta Huis.

Om met het laatste te beginnen, het Vessemse bedrijf Soetens kan uw fiets naar elke plaats op de route naar Santiago transporteren. In St. Jean-Pied-de-Port kunnen zij uw fiets en bagage afleveren bij Gite Zuharpeta. Voor overige bestemmingen op de Camino dient U zelf voor een bezorglocatie te zorgen. Voor meer informatie over deze service klik hier. Uiteraard kunt u zelf het transport regelen. U vraagt een van uw kinderen of de buurman om als vervoerder op te treden. En indien u naar uw startlocatie vliegt kunt U uw fiets mogelijk meenemen in het vliegtuig. Dat alternatief is ook interessant voor pelgrims die de Via de la Plata in Sevilla aanvangen. Uzelf kunt per auto, per trein en per vliegtuig naar de startlocatie reizen. Per auto behoeft geen toelichting. Per trein is relatief lastig en vaak ook vrij duur. Eerst met de Thalys naar Parijs en dan met bijv. de T.G.V. verder; te complex om alle opties hier te benoemen. Maar de site http://www.touradour.com/towns/trains.htm biedt mogelijk aanknopingspunten voor het laatste deel van uw reis naar de Pyreneeën.

Per vliegtuig zijn de -naar mijn idee- relevante opties:

Station St. Jean

St. Jean-Pied-de-Port Station

Vliegen
1. Met Transavia van Rotterdam naar Biarritz (Bayonne) is niet meer mogelijk. Een alternatief is wellicht een Ryanairvlucht vanuit Charleroi, bijv op donderdag 1 juni 2017 à 37 euro per stoel. Orienteer u diepgaand op de spelregels van deze firma, want een onaangename ervaring zit bij hen vaak in de kleine lettertjes. Doe vooral geen aannames; check van alles wat u wil of ’t kan en hoe Ryanair ’t graag wil hebben. Anders is ’t kassa of erger: “helaas, niet mogelijk.”
U kunt vanaf het station in Bayonne met de regionale trein naar St. Jean-Pied-de-Port. Deze reis duurt 1:20 uur. Klik hier. Indien u wilt kan Soetens uit Vessem uw fiets brengen. Als u daar geen gebruik van maakt, zoek dan vooraf uit of en hoe uw fiets mee kan in het vliegtuig en (eventueel) de trein.

Van Biarritz naar St. Jean.

Van Biarritz naar St. Jean.

Fietsen vanaf het vliegveld kan uiteraard ook. De afstand naar St. Jean-Pied-de-Port is een kleine 60 km. Op de D=932 en de D918 moet u enkele heuvels nemen. Mogelijk interessant als oefening voor de klim naar de Puerto de Ibañeta.

Vliegen en dan per trein
2. Met Ryanair vanaf Weeze naar Santander en dan per trein via Palencia naar Burgos of eventueel León. Het meenemen van uw fiets in Spaanse treinen kan een probleem opleveren. Zeker als u moet overstappen in Palencia. Informeer tijdig naar de mogelijkheden. Uiteraard is er nog veel meer te verzinnen. Bijv. van Biarritz naar Pamplona. Maar het uitzoeken hiervan laat ik graag aan u over. Klik op renfe treinenloop noord spanje voor inzicht in de Renfe-treinenloop aldaar. In dit reisverslag (juli 2013) kunt lezen over het gebruik van de regionale trein op delen van de Ruta del Norte. Hieronder een beeld van alle spoorwegen in Frankrijk en noord-Spanje, met een korte toelichting op de Spaanse Renfe-lijnen (stoptreinen en intercities) en de Renfe/Feve-lijnen met boemeltreinen langs de noordkust.

Spoorwegen naar Santiago

Spoorwegen naar Santiago

U ziet dat het reizen met de trein naar (en van) Santiago enigszins complex is. Interessante links zijn:

http://www.renfe.com/viajeros/info/index.html

http://www.renfe.com/viajeros/feve/mapas/index.html

http://www.renfe.com/viajeros/info/bicicletas.html

Voor de volledigheid: U zou kunnen overwegen, ergens in een stad gelegen aan de Camino, een fiets te huren. In plaats van uw eigen fiets mee naar Spanje te nemen. Dat kan. Maar besef wel dat nagenoeg 100% van de Spaanse fietsers mountainbikers zijn. En dat de fietsverhuurbedrijven (er zijn er tal van) u in principe een mountainbike aanbieden. Wilt u een andere fiets, even opletten. Bagage mee te nemen kan in een rugzak en/of in twee kleine tassen. Mocht u interesse hebben, google op zoekterm: “alquiler bici camino santiago”.

De Ruta del Norte

Een werkelijk prachtige route…

De Ruta del Norte fietsen kan, maar het is niet toevallig dat Clemens Sweerman geen fietsroute ‘Ruta del Norte’, 825 km lang, heeft ontwikkeld. Deze Camino is primair een wandelroute. Er zijn (dus) een paar ‘maren’. Ten eerste is deze route veel zwaarder. Er is (bijna) geen kilometer vlak. De Camino del Norte volgt grofweg de N634 die van Irun (Spaans Baskenland) naar Santiago loopt. Deze weg loopt grotendeels dichtbij de kust en is 730 km lang. Op Youtube staat een video die op deze weg is gemaakt en waarin het Baskische lied Lau teilatuvan de zanger Itioz is te horen. Fascinerend, want Baskisch is een heel aparte taal.

De N634 loopt deels vlak langs de kust

Er zijn een paar varianten van de Ruta del Norte. Zo kunt U in Ribadesella besluiten in plaats van naar Gijon te gaan naar Oviedo te fietsen. Van Oviedo naar Santiago loopt de Camino Primitivo. Maar U kunt ook vanaf Oviedo de N634 naar de kust volgen en vanaf Soto de Luiña weer verder fietsen langs de kust. De overnachtingsmogelijkheden op Camino del Norte resp. de Camino Primitivo zijn aanzienlijk minder vergeleken met de Camino Francés. Niet verrassend, want het aantal pelgrims is veel kleiner dan op de Camino Francés.

De wandelroute volgt soms ook de N634

U kunt ervoor kiezen de mountainbike route te volgen (met een daarvoor geschikte fiets) of U kunt gebruik maken van een GPX-track geschikt voor een trekkingfiets klik hier. Een Garmin GPS met een CityMap is handig voor het navigeren in de grotere steden. Als U klimmetjes op binnenwegen wilt vermijden kunt U uitwijken naar de N632 en de N634. De binnenwegen zijn iets steiler dan de N-wegen maar voor een geoefende fietser best te doen. De N634 is niet helemaal te vermijden. Op enkele stukken van het traject volgt ook de mountainbikeroute en zelfs de wandelroute deze drukke en vrij smalle doorgaande verkeersweg. Weliswaar heeft het (vracht)verkeer een alternatief: de A8, maar de N634 is toch nog vrij druk. Maar tegenover deze maren staat dat de route werkelijk prachtig is. Soms rijdt U vlak langs de kust, soms door een laan met bomen. Maar het gaat altijd op en af. En regelmatig ook flink; er zijn verschillende 10%-stukken. Voor liefhebbers van vis, schaaldieren en cider is deze route een dagenlange culinaire ontdekkingstocht. U fietst regelmatig door een vissersdorpje en het aantal varianten cider is talrijk. In een sidreria kunt U ze proeven.

Sobrado dos Monxes

Het aantal culturele bezienswaardigheden is wat minder. Er zijn bijv. weinig monasterio’s en de dorpjes zijn niet zo aantrekkelijk als die langs de Camino Francés. De mooiste steden zijn Bilbao en Oviedo. Santander is een echte havenstad. In de buurt van Ribadeo buigt de route van de kust af naar het zuid-westen richting Sobrado dos Monxes. Dit is de laatste etappeplaats voor Santiago. Er staat een oud klooster. De planten groeien welig op de twee torens. Dus als U besluit de Ruta del Norte te volgen, neem dan zo weinig mogelijk bagage mee. Geen tent, geen kookspullen, alleen twee achtertassen en een stuurtas met slechts het hoogst nodige. Ondanks goede voorbereiding kan het noodzakelijk/gewenst zijn een stukje met de trein te overbruggen. Dat kan met de regionale spoorlijn langs de noordkust van Spanje. De maatschappij die hier rijdt is Feve, een dochteronderneming van Renfe, de Spaanse NS. Aangezien in Spanje verschillende treinsystemen naast elkaar bestaan is het verstandig U even in deze materie te verdiepen indien U de trein als vervoermiddel in overweging neemt. Feve is een soort Arriva met regionale treinen. Renfe heeft intercities (Avant en Trenes Media distancia), boemeltreinen (Cercanías) en hogesnelheidstreinen (AVE).

Interessante links zijn een:

Klik op Albergues Camino del Norte voor een lijst met veel, zo niet alle albergues op de Camino del Norte. De actuele lijst is te downloaden van de site Caminosnorte.org. Een (vrij) actueel reisverslag van de Camino del Norte staat hier.

naar boven