Slapen

Knusse pelgrimsgîte in Charroux

Knusse pelgrimsgîte in Charroux

Er zijn grofweg vier sterk verschillende manieren om te overnachten:
1. slapen in hotels.
2. slapen in een tent op een camping.
3. slapen in pelgrimsalbergues en pelgrimsgîtes.
4. slapen in hostals, pensions of chambre d’hôte.

Hotels zijn ’t duurst; kamperen is ’t goedkoopst. Dat ligt voor de hand. Slapen in pelgrimsalbergues kan alleen in Spanje. In Frankrijk treft u op sommige plaatsen een pelgrimsgîte. Beide onderkomens zijn specifiek voor pelgrims die een pelgrimspas kunnen tonen. U bent (bijna altijd) niet de enige die er overnacht. Reken dus op andere pelgrims die met u in dezelfde ruimte liggen en met wie u keuken, douche en toilet moet delen.
Hostals (eenvoudige hotelletjes) zijn er ’t meest in Spanje. In Frankrijk treft u naar mate u zuidelijker komt in steeds meer dorpen en stadjes chambre d’hôtes. Bed & breakfast op z’n Frans. In sommige grotere steden zijn pensions waar u een nacht terecht kunt. De paar jeugdherbergen waar u onderweg kunt slapen maken het lijstje compleet.
Het komt voor dat een wildvreemde particulier u onderdak verleent in zijn eigen huis of dat u kunt slapen in de gemeentelijke sporthal. Dit gebeurt eigenlijk alleen maar indien u behoorlijk in de problemen zit en u ’t geluk hebt een helpende hand te ontmoeten.

Hotels
De meest luxe variant is overnachten in hotels. De meest zekere indien deze ook nog van te voren zijn geboekt, bijv. via www.booking.com. Maar u levert dan veel avontuur in en het kost u zeker € 50 per hotelkamer, als het niet meer is. Exclusief ontbijt meestal. Kiest u voor een van de vele hostals of pensions dan is de prijs per kamer ongeveer 35 euro. Reserveren kan meestal alleen telefonisch, soms via e-mail als deze hostals of pensions een eigen site hebben.

De belangrijkste keuzes die u moet maken zijn:
1. Wel of niet kamperen.
2. Wel of niet overnachten in een Franse refuge of Spaanse albergue.

Natte tent.

Natte tent.

Kampeerders nemen tent, slaapzak, luchtbed en kookspullen mee. Zij overnachten op een camping. Tenzij het hondenweer is of als er geen camping in de buurt is. Soms slapen ze een albergue om het sfeertje te proeven.
Niet-kampeerders kunnen een paar kilo bagage thuis laten en lopen niet het risico van een ondergelopen tent. Degenen die behalve de camping ook refuges en albergues mijden nemen een B&B, een hostal, een pension of kiezen de luxe van een echt hotel. Maar meestal kiezen de niet-kampeerders voor een mix van B&B’s, albergues en hostals. Op de Camino Francés is het vinden van onderdak meestal geen enkel probleem. Er is veel aanbod en de variëteit is groot. In Frankrijk (met name Noord-Frankrijk) kan het vinden van een hotel wel wat lastig zijn. Soms moet u wat afwijken van de route of kunt u alleen een budget-hotel (bijv. Formule 1) vinden. Inderdaad, u kunt er slapen maar daarmee is alles gezegd.

Een heerlijk desayuno in Belorado

Een heerlijk desayuno in Belorado

Als u in een (luxe) hotel overnacht kan het -om de kosten te drukken- interessant zijn geen gebruik te maken van het ontbijt in het hotel. De kwaliteit en de prijs lopen sterk uiteen. Prijzen variëren tussen vijf en tien euro (soms zelfs meer dan 10 euro) en wat u krijgt varieert van een bak koffie, twee stukken stokbrood met wat cupjes jam tot een ontbijtbuffet, compleet met gebakken bacon en scrambled eggs. Het is in Frankrijk en in Spanje heel gewoon om ’s ochtends een café binnen te stappen en een petit dejeuner (Frankrijk) of desayuno (Spanje) te bestellen. Of simpeler: koffie met twee croissants.

Een klein enkeldaks tentje is wel licht, maar geeft bij regen problemen

Campings
Het andere uiterste is kamperen. Elke dag een camping zoeken, tent opzetten, tent afbreken, bagage in de tent stallen, weer opruimen en dat alles soms in een flinke regenbui. Het kan, maar deze variant is alleen geschikt als u een ruime kampeerervaring hebt, met name op Franse 2-sterren municipals met hurktoiletten. Bovendien: campings zijn veelal niet het hele jaar open. Bepaalde campings zijn zelfs alleen open van half/eind juni tot half/eind september. Kampeerders moeten er in Frankrijk op bedacht zijn dat er grote verschillen zijn tussen campings. Er zijn mooie campings bijv. die in St. Emilion, maar ook natuurcampings met matig sanitair en campings met bijna uitsluitend stacaravans die buiten het seizoen alleen in het weekend bevolkt zijn. Er zijn in zowel Spanje als Frankrijk diverse campingsites. Twee grote campingorganisaties zijn de FFCC (Fédération Française de Camping et de Caravaning) en de FECC (Federación Española de clubes campistas), te bereiken via:
http://camping-ffcc.com/
http://www.guiacampingfecc.com/

Camping in Condé-sur-Vergre

Camping in Condé-sur-Vesgre

Klik op campings aan de Camino voor een pdf-je met campings. Het Duitse lijstje is niet helemaal volledig; zo ontbreken de camping Plaza Berri in St. Jean-Pied-de-Port, de camping As Cancelas in Santiago de Compostela en de kampeermogelijkheid bij de albergue Santiago Apostol in Puente la Reina. Ook in Spanje is de kwaliteit van de campings erg verschillend. Goede campings zijn er onder meer in:
– Navarette
– Nájera
– Burgos
– Mansilla de las Mulas
– Portomarín

Kamperen heeft als bijeffect dat u ’s avonds niet in de nabijgelegen stad ‘op stap’ kunt gaan. Terug fietsen van centrum León of Burgos naar de camping om 23:00 uur is immers niet zo’n goed idee. Nu zijn er pelgrims die dan allang slapen, maar er zijn ook fietsers die een zwoele avond in een Spaanse stad willen meemaken. En geef ze ‘ns ongelijk! Dan kan het verstandig zijn een hostal of pension in het centrum van de stad te zoeken.

In sommige verslagen leest u over ‘wild kamperen’. In Frankrijk is het volgens onze brave ANWB legaal wild te kamperen (19u tot 9u) op één uur wandelafstand van weg. De Fransen noemen een nachtje ergens je tentje opzetten ‘bivakkeren’ (bivouacs) en hanteren soepelere regels. In Spanje zijn de regels voor het wild kamperen per streek verschillend. In alle gevallen is het wenselijk toestemming te hebben van de eigenaar van het perceel. Soms (op het erf van een boer) is het vrij gemakkelijk toestemming te verkrijgen, maar in een bos is de eigenaar van het perceel meestal onbekend. Kortom, wild kamperen is alleen een optie indien er geen enkele andere mogelijkheid is. En met een beetje planning is het ook niet nodig, zeker niet in Spanje. In Spanje kunt u immers uitwijken naar een refugio, in Frankrijk moet u andere slaapplaats zoeken. Zoals een hostal of een jeugdherberg, auberge de jeunesse in het Frans; in het Spaans ‘albergue juvenil’. Dit is een goedkoop alternatief voor kamperen maar er zijn veel minder jeugdherbergen dan campings.

Albergues, hostals en gîtes
Klik op Refugios en hostals aan de Camino Francés voor een pdf die is opgesteld op basis van gegevens van de site spanishsteps.eu. Deze site bestaat helaas niet meer. Maar sinds maart 2014 is een Italiaanse site actief waarop ook downloads van albergues per camino te vinden zijn. Uiteraard zijn alle teksten in het Italiaans… Klik voor een download van deze site op: Albergues Camino Frances – Italiaans.
Ook kunt u gebruik maken van een de vele applicaties (apps) voor iOS en/of Android. Interessante apps zijn:
– Camino Places (iOS, Ivar Revke, 5 euro).
– Camino (iOS, Consumer Eroski/Biko, gratis)

In enkele Franse gemeenten werkt de plaatselijke overheid (gezeteld in la mairie) mee. Men heeft dan speciaal voor pelgrims een gîte (appartementje) beschikbaar.

Nanteuil-en-Vallée, gîte naast Auberge St. Jean

Zo heeft de gemeente Nanteuil-en-Vallée een uitstekend (twee 2-pers. slaapkamers) onderkomen direct naast de auberge St. Jean midden in het alleraardigst plaatsje beschikbaar. Er is echt alles voorhanden. De slager annex groenteboer zit (zat?) een paar deuren verder. U kunt na overlegging van uw credential de sleutel krijgen op het gemeentehuis en u brengt ‘m de volgende dag terug. Geen borg, geen gedoe. Wilt u betalen voor uw overnachting, dan is dat geheel vrijwillig. Ook in Compiègne is een onderkomen gerealiseerd, geopend vanaf 16:30, informeer bij de VVV. Tussen 15 april en 30 september kunt u er terecht met een geldig credential. Er zijn tien bedden beschikbaar. Kosten: 10 euro per persoon. In Lescar (informeer bij de VVV) en Cluis, 2 Rue du Prieuré (informeer bij kruidenier Hamid tegenover de kerk of bel 02 54 31 26 36) zijn ook soortgelijke gîtes. In Cambrai (noord-Frankrijk) staat hotel Au Taximan. Dit supereenvoudig hotelletje staat bekend als pelgrimshotel. Fietsen kunnen binnen gestald worden.

Gîte Arc en Ciel in Labouheyre

Gîte Arc en Ciel in Labouheyre

En verder staat in Labouheyre (Les Landes) aan de rue Grande Lande 290 de herberg ‘Ultreia Arc en Ciel’, te bereiken via telefoon 033630067016. De prijs is 15 euro (prijspeil 2015) en het geld gaat naar een goed doel. Een prima alternatief voor de eenvoudige camping naturelle die maar een paar weken per jaar open is.

Een eindje verderop (net onder Dax) kan gebruik gemaakt worden van een gloednieuwe (2015) pelgrimsgîte in het kleine dorpje St. Pandelon. Vraag ernaar bij het gemeentehuis (la mairie).
Op de site van de Franse Santiagovereniging staat ook een aantal gîtes aan de Vézelayroute. Enkele hiervan (Corbigny, St. Révérien en Bouzais) liggen ook aan de oostelijke fietsroute. Klik hier voor een overzicht.

Gloednieuwe pelgrimsgîte in St. Pandalon

Gloednieuwe pelgrimsgîte in St. Pandalon

Gîtes en andere overnachtings-mogelijkheden op de route Turonensis (de westelijke route door Frankrijk) staan hier. Een andere optie is dat u de ‘guide des haltes de prière – edition 2014’ bestelt. In deze gids staan van alle Franse pelgrimswegen de zogenoemde Haltes of Herbergements Jacquaires. Uiteraard staat alle informatie in het Frans. Mogelijk biedt deze site ook voldoende informatie. De pfd-file Hebergements en Berry geeft een overzicht van slaapplaatsen aan de route Langs Oude Wegen in midden Frankrijk.

Indien u (ook) wilt overnachten op campings, is het verstandig ervoor te zorgen dat u goed slaapt. Gebruik een dubbeldaks lichtgewicht koepeltentje zonder luifel, maar gebruik ook een goed bed. Een dik zichzelf opblazend slaapmatje kan eventueel, maar een luchtbedje is beter. Kiest u voor een luchtbed dan is er weinig keus. De gewone vallen af (te zwaar), de lichtere van Campingaz of Intex zijn binnen de kortste keren kapot. Resteert een licht, maar wel robuust luchtbed. Bijv. een Exped Downmat. Helaas duur (160 euro) maar het slaapt geweldig en isoleert beter dan een slaapmatje. Goed slapen is erg belangrijk onderweg.

Tentje van pelgrim op Franse camping

In Spanje is er eigenlijk maar één voor de hand liggende keuze: de refugio of albergue de peregrinos. Dat is hetzelfde: slaapzalen met stapelbedden en douches. De bedden hebben (meestal) geen dekens of lakens, neem daarom een lichtgewicht slaapzak of lakenzak en een kussensloop mee. Na overlegging van uw credential krijgt u een schone matrasovertrek en that’s it. Vrijwel altijd is er de gelegenheid om gebruik te maken van een keuken(tje). U kunt iets opwarmen, thee zetten etc. maar daar houdt het veelal mee op. De ‘luxere’ (veelal particuliere) albergues hebben vaak een eetzaal (comedor) en soms kunt u er zelfs een avondmaaltijd bestellen.Voor alle duidelijkheid: om gebruik te kunnen maken van de diensten van een albergue moet u (vrijwel altijd) een credential overleggen.

Albergue in Sanguësa. Er kunnen één, hooguit twee fietsen gestald worden

Albergue in Sanguësa. Er kunnen hooguit twee fietsen gestald worden.

Op sommige sites leest u dat uw credential u recht geeft op een verblijf in een albergue. Dat is onjuist. Aan het bezit van een credential kunt u geen rechten ontlenen. In alle gevallen beslist de hospitalero (de herbergier) of u welkom bent of niet.
Redenen om u af te wijzen kunnen zijn:
– de albergue is vol.
– de albergue heeft geen fietsenstalling.
– het toelatingsbeleid: Na 17:00 uur bent u welkom, als er plaats is.
– uw credential is ongeldig.
– u bent met een (grote) groep pelgrims (zie vraag 4).
De hospitalero is niet verplicht u een reden voor afwijzing te geven. Gewoon de melding ‘er is voor u geen plaats’ volstaat. U kunt uiteraard in discussie gaan met de hospitalero, maar beter is u deze moeite te besparen en een andere albergue of een ander onderkomen te zoeken. Er zijn (meestal) voldoende hostals, pensions, gewone hotels en er zijn ook campings aan of vlakbij de route.

Voor de fietser die alleen of in klein gezelschap (hier voor een overzicht) de voorkeur, tenzij u er niet van houdt met wildvreemden, mannen en vrouwen door elkaar, op een (grote) slaapzaal met enkel stapelbedden te liggen. Of indien u geen risico wilt lopen op een doorwaakte nacht omdat een pelgrim die in de buurt ligt een enorme snurker is; dus oordopjes/watten meenemen! De charme van de refugio is de saamhorigheid. Er slapen enkel degenen die ook op weg zijn naar Santiago. Medepelgrims kunt u ze noemen. De saamhorigheid heeft wel zijn grenzen. Zo loopt er een onzichtbare grens tussen de lopers en de fietsers. De lopers, veruit in de meerderheid in Spanje, hebben andere gespreksstof dan de fietsers. De routes verschillen; wandelaars lopen veelal over soms smalle zandpaden terwijl de fietsers meestal over asfalt rijden.

Refugio in het Monasterio van Samos. Heel veel stapelbedden

En verder verschilt het nogal of u te voet gaat en dus problemen hebt met voeten en schoenen, of met uw zitvlak en uw fiets. Fietsers praten over kapotte banden, geknakte spaken, slag in het wiel, afgelopen kettingen en valpartijen. Wandelaars prikken blaren, zijn in de weer met jodium, wikkelen verband om hun zere voeten en stralen uit dat zij de echte pelgrims zijn. Maar desondanks, het is in albergues goed overnachten tegen een lage prijs: maximaal € 12, maar meestal een paar euro minder of ‘donativo’. Deze aanduiding betekent dat u zelf bepaalt hoeveel u betaalt voor de diensten van de refugio; geef (tenminste) vijf euro. Er zijn Nederlandse sites die ‘donativo’ vertalen in ‘gratis’. Het moge duidelijk zijn dat deze vertaling typisch Hollands is en dat het in feite -en terecht- niet de bedoeling is gratis te overnachten.

Bedwants

Bedwants

Sommige pelgrims vertellen dat er ook slechte refugio’s zijn, waarbij vooral geduid wordt op ondermaatse hygiënische omstandigheden. Vooral bedwantsen worden genoemd. Dergelijke ervaringen zijn niet uit te sluiten, maar de kans erop lijkt niet zo groot, behalve in het hoogseizoen: augustus. En dan vooral in de grote refugio’s, met tientallen zo niet meer dan 100 bedden. Dus, voor wie niet wil kamperen is het concept grofweg: In Frankrijk een chambre d’hôte (bed & breakfast) of gîte en in Spanje een refugio/albergue.
De Spaanse overkoepelende federatie van caminogenootschappen heeft op dit gebied -vermoed ik- de beste site: www.caminosantiago.org. Op deze site staat ook een actuele link naar albergues aan de Camino Francés. Er zit hier en daar zelfs een door Nederlanders gerunde albergue tussen, bijv. in las Herrerias de Valcarle. En natuurlijk de albergue in Roncesvalles met vrijwilligers van het Genootschap van Sint Jacob.

Hostel in Triacastela

Er zijn drie soorten refugio’s: de private, de gemeentelijke en de katholieke. In de katholieke refugio’s, bijv. in een oud monasterio, kan het zijn dat er aandacht is voor de religie. Er is dan bijvoorbeeld een mis om 7 uur ’s avonds. De private zijn meestal duurder (acht tot twaalf euro) dan de gemeentelijke of de katholieke (vier tot acht euro). In alle refugio’s zijn soortgelijke huisregels.

Fietsers zijn soms pas na 5 uur welkom

Huisregels in albergues
Geen herrie maken, niet luidruchtig praten en om 22:00 uur (soms iets later) gaat de poort dicht, de deur op slot en het licht uit. ’s Ochtends is het om zes uur dag. Met name de wandelaars staan dan op; een enkeling al om 5 uur. Om acht uur is iedereen weg (is de bedoeling). Soms regelt de hospitalero (de ‘manager’ ) een ontbijt. Er zijn dan wat stukken stokbrood en pelgrims kunnen thee of koffie zetten. Ga er (desondanks) vanuit dat u zelf voor uw ontbijt moet zorgen.

Het spreekt voor zich dat iedereen zijn eigen rommel opruimt. Reken er op dat in sommige refugio’s de fietsers (bicigrinos) pas na vijf of zes uur ’s middags worden toegelaten. Tenminste, als er dan nog plaats is. Wilt u er het fijne van weten, klik hier voor het reglement van de refugio in San Juan de Ortega, dat model kan staan voor veel Spaanse refugio’s. De sterk ingekorte vertaling van de negen bepalingen is als volgt:

1. Reglement betreft het Monasterio San Juan de Ortega.
2. Alleen pelgrims te voet of per fiets in het bezit van een pelgrimspaspoort en een geldig legitimatiebewijs worden toegelaten. Hun gegevens worden geregisteerd.
3. Plaatsen worden toegewezen op volgorde van binnenkomst. Men kan –behoudens uitzonderingen- slechts 1 nacht verblijven.
4. Seizoen: 1 maart – 31 oktober. Openstelling: tussen 13:00 en 22:00. Het licht gaat uit om 22:00. Om 08:00 moet u weg zijn.
5. Het is verboden te roken, buiten de daartoe bestemde plek te eten, lawaai te maken, luid te spreken, hoorbaar muziek te luisteren en op de muren te slaan.
6. Iemand die zich vervelend gedraagt wordt buiten gezet.
7. Donatie van (tenminste) 5 euro wordt op prijs gesteld. Alle ongerechtigheden moeten gemeld worden.
8. Er is een gastenboek en u kunt (onder vermelding van een naam) suggesties ter verbetering opschrijven.
9. In alle niet genoemde gevallen beslist de gastheer (hospitalero). Dit reglement wordt goed zichtbaar opgehangen.

De grootste kans op volle refugio’s hebt u in het hoogseizoen, met name in augustus. Overweegt u de Ruta de Norte te volgen, plan dan uw overnachtingsadressen. Op deze route zijn er te weinig adressen om op de bonnefooi te reizen. Op de site bicigrino.com en ook hier vindt u een overzicht van de albergues op de Ruta del Norte.

Welkomsbord van Thérèze in Miradoux

Bijzondere albergues
Er zijn ook ‘bijzondere’ albergues/refuges. Zoals de refuge van Thérèze in Miradoux, de oosterse refuge in Espalais, de de refugio in de Jésus y Maria-kerk in Pamplona, de ‘Engelse’ refugio Gaucelmo in Rabanal del Camino, bij ‘de nonnen’ (las hermanas Agustinas in de albergue de Peregrinos Parroquia de Santa María) in Carrión de los Condes. In het Franse Cadillac zijn twee slaapplaatsen in het ‘hôpital psychiatrique’. Het zijn nog originele slaapplaatsen voor pelgrims in lang vervlogen tijden. Mogelijk doet het wat spartaans aan. De route ‘Langs oude wegen’ loopt vrij dicht langs Auberge Nos Repos een ‘Nederlands’ pelgrimsonderkomen in Augy sur Aubois, één kilometer links van de weg St. Amand-Montrond naar Sancoins, ter hoogte van Jouy. In het Spaanse monasterio in San Juan de Ortega kunnen liefhebbers genieten van de knoflooksoep die daar elke dag geserveerd wordt. Als herinnering aan hospitalero Don José María Alonso die deze soep jarenlang elke dag maakte. Ook is er een religieuze dienst om 18:00 uur. In Los Arcos staat de albergue Isaac Santiago met Belgische hospitaleros. In Sarria ligt aan de rúa San Lázaro 7 de herberg San Lázaro, van vele zo niet alle gemakken voorzien.

Wat typeert de albergue?
Wat albergues en pelgrimsgîtes bijzonder maakt is verschillend: de sfeer, de gebruiken, het gebouw, de manier waarop pelgrims worden ontvangen, samen zingen en praten, de uitstekende voorzieningen, etc. Indien u deze albergues niet wilt missen dan is het wel even zoeken op internet in reisverslagen van pelgrims. Er is geen limitatieve lijst. Mogelijk dat het Genootschap van St. Jacob meer informatie heeft.

De Engelse herberg Gaucelmo in Rabanal del Camino.

U moet wel gevoelig zijn voor spiritualiteit en open staan voor bijzondere ontmoetingen. Bent u een nuchtere Hollander die alleen fietst voor cultuur en ontspanning, vermijd dan dit soort albergues. U zou er de kriebels van kunnen krijgen. Realiseert u zich ook dat u als fietser een ander type pelgrim bent vergeleken met de wandelaar.

Wandelschoenen staan te luchten....

Wandelschoenen staan te luchten….

Zoals eerder gezegd, de echte pelgrim loopt. En als u zich ook nog als wielrenner gekleed hebt (met reclame op het fietsshirt, strakke fietsbroek, fietsschoenen met clipplaatjes onder de zool etc. Ja hoor, ze zijn er) dan vloekt dat enigszins met de devote, wandelende pelgrim die de spiritualiteit zoekt.

Hieronder de voor- en nadelen van een refugio op een rij.

Voordelen:
1. Zeer goedkoop, maximaal 12 euro maar meestal minder.
2. U ontmoet pelgrims uit letterlijk de hele wereld.
3. U bent onderdak. Een tentje kan bezwijken onder een regenbui.
4. U kunt er eten; zo niet dan weet de hospitalero een goed adres.
5. Uw fiets staat veilig gestald.

Nadelen:
1. Uw privacy is beperkt tot douche en toilet.
2. Om tien uur sluit de poort; om acht uur moet u weg zijn.
3. Gesnurk en geloop tijdens de nacht.
4. Soms niet erg hygiënisch.
5. U slaapt in een stapelbed.

Espalais. Een bijzondere refuge.

Espalais. Een bijzondere albergue.

En pelgrims met een gevoelige neus kunnen zich storen aan de specifieke geur in albergues. Veroorzaakt door bezwete pelgrims, dicht op elkaar, hun bagage met gebruikte kleding en hun wandelschoenen die staan te luchten. Maar laat dit alles geen reden zijn om refugio’s te ontwijken. De sfeer is er meestal opperbest.

Een overzicht van albergues op de Camino Francés vindt u hier. Veel albergues zijn in de winter gesloten; het pelgrimsseizoen loopt van april tot en met oktober.

Overnachten in Santiago

kleinseminarie

Seminario Menor = Klein Seminarie

Een goede overnachtingsplek is het oude Seminario Menor in de buurt van de rúa das Trompas en de rúa de Belvis. De slaapzalen in dit grote gebouw, vroeger gebruikt door de leerlingen, zijn nu in gebruik voor de pelgrims. U kunt uit twee opties kiezen. Het bekende albergueconcept, met zes of meer personen op een slaapzaal (men heeft ‘gewone’ bedden; geen stapelbedden, 12 euro per nacht) of een eigen eenpersoons kamer à 15 euro per nacht, prijspeil 2015. Te reserveren via o.a. Booking.com. De vroegere limiet aan het aantal verblijfsdagen (3) is losgelaten. Eind 2015 hebt overal in het gebouw internettoegang. De regels die voor elke Spaanse pelgrimsalbergue gelden (bezit pelgrimspaspoort, sluitingstijd, etc.) zijn ook hier van toepassing. Kortom, een prima locatie op (een kleine) 15 minuten lopen van de kathedraal. Er is geen beveiligde fietsenstalling maar het terrein is ’s nachts wel afgesloten.

Slaapzaal Seminario Menor

Verder zijn er tal van pensions in de oude stad, bijv. in de rúa do Vilar die kamers verhuren voor € 40 per nacht. En voor kampeerders is er natuurlijk de camping Monte do Gozo even buiten de stad, richting vliegveld, handig voor als u op de terugreis Uw fiets wilt meenemen in het vliegtuig. Het summum van overnachtingsplekken is het Hostal dos Reis Católicos. (in het Spaans: Hostal de los Reyes Católicos) aan het Praza do Obradoiro. Dit gebouw was in de Middeleeuwen een ziekenhuis voor pelgrims en is nu een van de meest beroemde Paradores van Spanje. U slaapt in een museum. De prijs is er naar: € 180 per kamer per nacht (geboekt via http://www.booking.com). Als u een goedkoper parador wilt proeven: in León staat het Hostal San Marcos waar de prijs per kamer een stuk lager ligt, zo’n € 100, exclusief ontbijt en geboekt via booking.com.

De echte kampeerder zal uiteraard kiezen voor een camping, bijv. As Cancelas, dicht bij het centrum. Deze camping ligt op een heuvel aan de rand van de stad. Met de fiets rijdt u in maximaal tien minuten naar het praza do Obradoiro.

naar boven

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s