Achtergronden

Santiago als bedevaartsoord

Na de herovering van Granada in 1492 heeft Paus Alexander VI Santiago de Compostela tot een van de drie grote katholiek-christelijke bedevaartplaatsen verklaard. De twee andere zijn Rome en Jerusalem. (Het jaartal 1492 is volgens het bisdom in Galicië 1122.)
Feit is dat Santiago sinds vele eeuwen een bijzondere katholieke bedevaartsplaats is.
Reden om de stad tot belangrijk bedevaartsoord te verklaren is de aanwezigheid van de tombe van de apostel  St. Jacob (San Iago) aan wie een cruciale rol werd toegedicht tijdens vele eeuwen durende herovering van wat nu Spanje heet op de moren.

Detail van de Tombe (met daarin de resten) van Sint Jacob. Deze tombe staat in de kathedraal van Santiago de Compostela.

Dat in deze tombe de resten van Sint Jacob liggen is een legende en wordt dan ook niet (meer) erkend door het Vaticaan. Paus Johannes-Paulus II en Paus Benedictus XVI vermeden het woord ‘tombe’ en spraken over een ‘memorial’. Luther vermoedde al veel eerder dat het een legende was. Hij raadde zijn volgelingen aan niet naar Santiago te gaan. Hij schijnt te hebben gezegd: “Niemand weet of er Santiago, een hond of een dood paard begraven ligt. Laat het liggen en ga er niet naar toe”. Of dit hedendaagse protestanten er nu nog van weerhoudt op pelgrimstocht te gaan, is me niet bekend.

via_xix-braga-astorga

Romeinse weg XIX van Braga naar Astorga

Al lang voordat Santiago de Compostela tot een van de drie belangrijkste bedevaartsoorden was verklaard, was het een (in het christelijke deel van Spanje) bekende bedevaartsplaats. Het begon allemaal begin 7e eeuw toen de bisschop van het west-Spaanse diocees Iria Flavia een pas ontdekt graf aanwees als het graf van de apostel Jacobus (San Iago). Over het graf werd een kapel gebouwd, die later uitgroeide tot de huidige kathedraal. De locatie waar het graf werd gevonden is waarschijnlijk de begraafplaats van de (geheel verdwenen) Romeinse stad Aseconia aan weg XIX van Braga naar Astorga. De naam van de locatie is ‘Compostela’, afgeleid van het Latijnse ‘compono’ dat o.a. ter aarde bestellen betekent resp. van ‘composita tella’, dat vertaald kan worden in ‘kerkhof’.
De locatie werd een bedevaartcentrum en (dus) vernoemd naar de aldaar begraven heilige: Santiago. Dat de heilige Jacobus in Spanje het christelijke geloof heeft gebracht is een verhaal uit de 6e eeuw. Zeer waarschijnlijk is hij echter nooit in Spanje geweest. Hij werd in 44 na Chr. in het Joodse Land onthoofd in opdracht van keizer Herodes Agrippa I.

De pelgrimstocht is dus al meer dan 1.000 jaar oud. Maar de huidige belangstelling ervoor is van vrij recente datum na vele eeuwen in ruste te zijn geweest. De camino beleefde een hoogtepunt in de 12e eeuw. Vanaf de 14e eeuw treedt een eeuwenlange periode van verval in. In het begin van de 20e eeuw probeerden enkele nieuw opgerichte Santiago-genootschappen de camino nieuw leven in te blazen. Dat mislukte. Een hernieuwde poging later in de vorige eeuw had wel succes. Vanaf medio jaren ’80 van deze eeuw begint het aantal pelgrims langzaam te groeien. De stormachtige groei begon in 1993. Met als voorlopig hoogtepunt het Heilig Jaar 2016 met bijna 280.000 pelgrims.

Camino handboek van Jack de Groot

Caminohandboek van Jack de Groot

Het is goed te beseffen dat het voortbestaan van de camino aan een zijden draadje heeft gehangen. Kennis van de historie van de camino lijkt mij zinvol om wat u ziet en meemaakt in een breder perspectief te kunnen plaatsen.
Voor wie meer wil weten over de camino in de jaren 800 tot 2000 heb ik de pdf camino-geschiedenis-en-achtergronden samengesteld, gebruik makend van een groot aantal bronnen, die elkaar op diverse punten tegenspreken. De keuzes die ik  daardoor ‘moest’ maken bij het schrijven van mijn tekst zijn volstrekt subjectief.
Er zijn ook publicaties over de geschiedenis van de camino die een geheel andere invalshoek kiezen en wetenschappelijk beter verantwoord dan mijn tekst. Zo is er de tekst van dr. Jack de GrootDen Haag, 4 juli 1952, die veel over Spanje -en de camino in het bijzonder- heeft geschreven. Bijvoorbeeld een Engelstalig ‘ultiem’ handboek over de camino.

Gedenksteen in O’Cebreiro.

De grote promotor van de huidige camino was de Spaanse priester en pastoor van O’Cebreiro, Elías Valiña Sampedro (1929-1989). Rechts naast de kerk in O’Cebreiro staat een zuil met gedenkstenen en een sokkel met een beeld van (het hoofd van) deze man. Zonder de inspanningen van deze pastoor was er misschien helemaal geen camino meer geweest.
Sinds 1996 reikt de overkoepelde Spaanse camino-organisatie een Premio uit die de naam draagt van de pastoor van O’Cebreiro. Het is opmerkelijk dat het al meer dan 25 jaar oude Nederlands Genootschap van St. Jacob nog nooit in de prijzen is gevallen. In Nederland kan Clemens Sweerman als belangrijk promotor gezien worden. Hij viel wel in de prijzen: de Fietsvakantie Trofee van 2009.

Er bestaan verschillende theorieën over de oorsprong van de camino.

1. De camino als Keltisch ritueel

El Ganso

El Ganso

De tocht is een oorspronkelijk Keltisch ritueel waarbij de pelgrim naar het Einde der Wereld loopt. Naar Finisterre/Fisterra, in de buurt van Santiago aan de Spaanse westkust, ter verering van de Keltische zonnegod Lugh. De Kelten noemden de Melkweg de keten van Lugh; de naam van de stad Lugo -nabij Santiago- is afgeleid van Lugh (Lugus of Lugos). Het Keltische symbool van de tocht naar het Einde der Wereld was de gans: de Camino de los Gansos. Mooi om over na te denken als u een stukje na Astorga door het gehucht el Ganso komt.

Paaltje 0,00 in Fisterra

Paaltje 0,00 in Fisterra

De Romeinen namen dit ritueel over onder de naam Vía Láctea, de Melkweg. De naam Compostela (Sterrenveld) is een verwijzing naar de Melkweg. De vroege Katholieke kerk gaf aan veel heidense feesten en rituelen een katholieke betekenis. Bijv. Kerstmis is (zou zijn) het Zonnewendefeest.
Ook de Keltisch/Romeinse rituele tocht naar het einde der wereld werd gekerstend. Paaltje 0,00 van El Camino staat daarom niet in Santiago maar in Fisterra.

2. Een andere theorie

In de 8e eeuw leefde (o.a. bij de bisschop van Toledo) het idee om het christendom en de islam te verenigen. Islamieten, christenen en joden leefden in (o.a. in Toledo) vrede. Tegenstanders van dit idee ontwikkelden de bedevaart naar Santiago de Compostela, gelegen in ‘bevrijd gebied’.
In het huidige Toledo is de joodse wijk een ‘toeristische must’; op de plek van de kathedraal stond vroeger een moskee. Her en der zijn nog Moorse invloeden te zien; veel Moorse bouwwerken zijn na de herovering (in 1085) door de christenen vernietigd.
Deze theorie stond tot voor kort te lezen op de site van het pelgrimsbureau in Santiago. Nu niet meer. Mogelijk dat men bij nader inzien de geschiedkundige onderbouwing wat te fragiel vond.
Het bisdom heeft er nu voor gekozen haar geschiedenis te laten beginnen in het jaar (1120) dat de aartsbisschoppelijke zetel verhuisde van Braga (nu noord Portugal) naar Santiago de Compostela. Dat besluit werd genomen door paus Calixtus II. Zijn broer, Raymond van Bourgondië, was in die tijd namens koning Alfonso van Castilië heerser over Galicië.
Ik laat de theorie op deze site staan omdat zij mij niet geheel onwaarschijnlijk voorkomt, gezien het feit dat islamitische machthebbers in die tijd christenen en joden gedoogden. Althans in Toledo.

3. Het concept Santiago Matamoros

Koning Alfonso I van Asturië bedacht in de 9e eeuw samen met de bisschop Teodomiro van Iria Flavia het concept ‘Santiago Matamoros. Hét symbool in de strijd van de (Asturische) christenen tegen de islamitische moren. Bekend als de reconquista, de herovering van Spanje en Portugal op de moren (722-1492). Ook latere koningen van Castilië gebruiken Santiago Matamoros in hun strijd tegen de moren, o.a. in de belangrijke slag bij Las Navas de Tolosa op 16 juli 1212.
Bisschop Teodomiro had een rond 813 gevonden graf aangewezen als het graf van Santiago. De beenderen worden overgebracht naar Compostela. Koning Alfonso I laat een kapel bouwen voor Santiago. De stad Compostela wordt bedevaartsoord en krijgt de naam Santiago de Compostela. De bisschopszetel van het diocees verhuist van Iria Flavia (een oude Romeinse havenstad) naar Santiago de Compostela. De kapel groeit uit tot kathedraal.
NB: Santiago de Compostela werd in de 9e eeuw een ‘gewoon’ bisdom; de promotie naar aartsbisdom was in de 12e eeuw.

4. Bedevaart naar het graf van Sint Jacob

Kluizenaar Pelagio (Pelagius) ontdekt begin 9e eeuw het graf van de Apostel Jacobus, die bij leven in Spanje preekte; een ster wees hem de weg. Er ontstaat een bedevaart naar het graf van de apostel in de kathedraal van Santiago de Compostela, vrij vertaald: Sint Jacob van het Sterrenveld.

Theorie 2 stond tot 2014/2015 te lezen op de site van het aartsbisdom van Santiago de Compostela. Theorie 4 is de in Nederland meest gehoorde theorie. Voor mij lijkt theorie 3 best aannemelijk. Theorie 1 klopt mijns inziens ook. Alhoewel er honderden eeuwen zitten tussen de tijd van de Kelten en het begin van de katholieke bedevaart in de 8e/9e eeuw, is het mogelijk dat er een kerstening van een heidens ritueel heeft plaatsgevonden.

Samengevat: Al in de tijd van de Kelten bestond het ritueel naar het einde der wereld te lopen. Eén van die locaties lag aan de westkust van het Iberisch schiereiland. Aan het pad ernaar toe werd in de tijd van de Romeinen de nederzetting Aseconia gevestigd. Het Romeinse rijk stortte eind 4e  begin 5e eeuw in. In 410 veroverden de Visigoten Rome. Ook de Romeinse provincie Hispania, door de Grieken Ibéria genoemd, viel in handen van de Visigoten.
Rond 813 werden op de begraafplaats van (inmiddels verdwenen en vergeten) Romeinse nederzetting Aseconia botten gevonden. Geestelijk leiders verbonden deze ontdekking met de plaatselijke legende uit de 7e eeuw die vertelde over de prediking van apostel Jacobus in Galicië. Waardoor men een bedevaart naar deze uithoek van het land op gang bracht, hetgeen de locale economie stimuleerde.
Niet lang daarvoor hadden islamitische Arabieren de macht over (bijna) het hele Iberisch schiereiland overgenomen van de christelijke Visigoten. De Asturische Visigoten waren in 722 het tegenoffensief gestart. De Asturische koning Alfonso II ontwikkelde samen met bisschop Teodomiro het idee om de centrale figuur van de plaatselijke bedevaart (Sint Jacob) model te laten staan voor de mythische figuur Santiago Matamoros. Een koene christelijke ridder die heldendaden verrichtte in echte en verzonnen veldslagen tegen de Arabieren. Alternatieve feiten zijn geen moderne uitvinding.
De Arabieren werden stukje bij beetje teruggedrongen. Mede door hulp van christelijke Frankische koningen en gesteund door de paus van Rome. Er volgde een etnische zuivering met een nagenoeg verlaten land als resultaat. Om herbevolking van dit land (door christenen) op gang te brengen werd de bedevaart naar het graf van Sint Jacob internationaal gestimuleerd, met name in het huidige Frankrijk. Van begin 10e tot einde 12e eeuw trokken christenen over de Pyreneeën naar noord-west Spanje. Sommigen om een nieuw bestaan op te bouwen in het verlaten land, als boer, ambachtsman of koopman. Anderen gingen als monnik of krijgsman en weer anderen -al dan niet vrijwillig- als pelgrim. Het pad dat ze volgden werd naar hen genoemd: het Franse pad, de camino Francés. Nadat het land was herbevolkt verminderde de belangstelling sterk, mede als gevolg van andere oorzaken: oorlogen, hongersnood en ziektes. Nadat in 1590 de beenderen van Sint Jacob kwijt geraakt waren (en pas eeuwen later ‘teruggevonden’ werden) zal de belangstelling voor de bedevaart vermoedelijk lange tijd tot nagenoeg nul zijn gedaald.
Slimme marketing onder gunstige omstandigheden eind 20e eeuw heeft de belangstelling een enorme boost gegeven. Hoe lang die deze keer zal duren is niet te voorspellen.

Een stukje Spaanse geschiedenis

De apostel Sint Jacob (de meerdere, zoon van Zebedeüs)  is ook interessant uit geschiedkundig oogpunt. Na een heftige discussie tussen voor- en tegenstanders besluiten Paus Urbanus VIII en koning Filips IV in 1630 dat Santiago el Mayor (en niet Teresa van Ávila) de patroonheilige van Spanje is. De strijd wint ’t van de mystiek. De naamdag van Santiago -25 juli- is een nationale feestdag in de autonome regio Galicië.

Een van de vele beelden van Santiago Matamoros

Hij staat ook bekend als Santiago Matamoros, de morendoder. Verwijzend naar de eeuwenlange bezetting van Spanje (met uitzondering Asturië) door de moren. En de herovering van het land, in de laatste fase onder leiding van de katholieke koningen (reyes católicos, deze titel werd hen verleend door Paus Alexander VI ) Isabella van Castilië in 1469 getrouwd met Fernando van Aragón. Een belangrijk moment in het begin van de reconquista was de slag bij Clavijo op 23 mei 844, toen koning Ramiro I de troepen van Abd ar-Rahman II versloeg. Geholpen door een ridder op een wit paard: Santiago Apóstol, althans zo vertelt de legende. Geschiedkundigen beweren dat in werkelijkheid de slag bij Clavijo nooit heeft plaatsgevonden, een stelling waar overigens niet iedereen het mee eens is. En voor wie denkt waar ken ik de naam ‘Abd ar-Rahman’ van. Juist ja, Abd er Rahman Al Ghafiqi werd in 732 bij Poitiers verslagen door Karel Martel. Als u de westelijke route neemt komt u dicht langs het slagveld waar de moren door Karel Martel verslagen werden.
Hieronder in vogelvlucht de historische ontwikkeling van het Iberisch Schiereiland tussen 400 en 1400. De jaartallen zijn indicatief. Enkele tussenvormen, zoals het Koninkrijk Nájera-Pamplona rond het jaar 1000 hebben maar korte tijd bestaan. Het viel na de dood van koning Sancho III uiteen waarna zijn zoon Fernando I de eerste koning van Castilië werd. Goed is te zien dat het oude koninkrijk León werd overgenomen door het Koninkrijk Castilië (fusie in 1230; de twee rivaliserende koningen waren broers van elkaar). Daardoor werd het Castiliaans de officiële Spaanse taal. In het Monasterio van San Millán kunt u de oudste Castiliaanse bibliotheek bezoeken.

Graven van de koningen van Leon

Graven van de koningen van Leon

Tussen de steden León en Burgos bestaat nog steeds rivaliteit. León heeft meer historie. Gesticht door de Romeinen in het begin van de jaartelling beleefde het goede tijden als handelscentrum voor goud dat in ‘de buurt’ werd gevonden. Het was de hoofdstad van het Koninkrijk van León tusssen 910 en 1230. De koningen liggen in het Pantheon de los Reyes, grenzend aan de pas gerestaureerde kerk van San Isidoro (zeker een bezoek waard).

El Cid in Burgos

El Cid in Burgos

Burgos is in 884 gesticht als versterkte nederzetting (burgo) met een burcht aan de nieuwe grens tussen het Koninkrijk van Asturië (later León) en het Emiraat van Córdoba. Oorspronkelijk lag Burgos hoog boven de rivier de Arlanzón. Momenteel ligt de stad aan deze rivier en is van de burcht alleen een ruïne over. Van 1037 tot 1087 was het de hoofdstad van het Koninkrijk Castilië (Land van Kastelen). Daarna nam Toledo (de oude hoofdstad van de Visigoten) deze positie over. In juni 1561 maakte de ook in Nederland bekende Philips II Madrid de hoofdstad van Spanje. Beroemd figuur in Burgos is El Cid, die leefde van 1040 tot 1099. Hij speelde een belangrijke rol tijdens de reconquista.

Iberisch schiereiland tussen 400 en 1400

Iberisch schiereiland tussen 400 en 1400

Slag bij Las Navas de Tolosa.

Net als El Cid was Santiago Matamoros een belangrijk (legendarisch) figuur in de herovering van Spanje op de moren. El Cid heeft een praalgraf in de kathedraal van Burgos. De Apostel Jacobus heeft een praalgraf in Santiago. De hoefijzers die het paard van Santiago Matamoros droeg tijdens de slag bij las Navas de Tolosa op 16 juli 1212, zijn te bewonderen in het Monasterio van Cañas. U ziet, Santiago Matamoros is een fantastisch figuur. Hoe dan ook, ruim 600 jaar strijd. Onze tachtigjarige oorlog is er niks bij. U zult op vele plaatsen in Spanje de afbeeldingen van Santiago op zijn paard zien.

 De symbolen

Symbolen van St. Jacob. Zwaard en schelp.

De camino kent twee symbolen: het rode zwaard en de naar Sint Jacob vernoemde schelp: de Sint-Jacobsschelp. In Frankrijk prijkt dit schelpdier op de menu’s van veel visrestaurants als ‘coquille saint-Jacques’. Ook oliemaatschappij Shell (Engels voor ‘schelp’) gebruikt deze schelp in commerciële uitingen.

Het zwaard

Het rode zwaard is het zwaard waarmee Sint Jacob de moren een kopje kleiner maakte. Het werd het symbool van de orde van Sint Jacob. De kleur rood symboliseert het bloed van de verslagen Arabieren. Hierover zijn alle geleerden het eens.

De schelp

Maar over de herkomst van de schelp als symbool (la Concha de Santiagobestaan verschillende meningen. Volgens de site Spain.info.nl_BE namen Middeleeuwse pelgrims deze schelp mee naar huis als bewijs dat ze in Santiago waren geweest. Men vond deze schelpen op het strand van de West-Spaanse kust. Er zijn ook andere verklaringen, klik hier.

De eerste pelgrimsgids

De Codex Calixtinus: het Liber Sancti Jacobi.

De Codex Calixtinus: het Liber Sancti Jacobi.

Aymeric Picaud van Partenay wordt als eerste schrijver van moderne reisgidsen gezien. Hij was een Franse geestelijke aan wie het schrijven van het ‘Liber Peregrinationis’ (boek voor pelgrims) wordt toegeschreven. In dit boek beschreef hij een overzicht van de Camino en van de startplaatsen van de Camino.

Het Liber  Peregrinationis is onderdeel van het Liber Sancti Jacobi (boek van de heilige Jacobus) ook wel de Codex Calixtinus genoemd. Naar Paus Calixtus onder wiens invloed het boek omstreeks 1160 door verschillende auteurs is samengesteld. Deel vijf gaat specifiek over de pelgrimsroute. Het boek is nog steeds te koop en de tekst staat op internet. De originele teksten worden in Santiago de Compostela bewaard. De teksten werden op 3 juli 2011 gestolen maar snel daarna zijn weer teruggevonden.

naar boven

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s